Russische invasie van Oekraïne in 2022

Steun:
Vlag van Wit-Rusland Wit-Rusland

Steun:
Vlag van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie NAVO
Vlag van Europa Europese Unie
Vlag van het Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk
Vlag van Australië Australië
Vlag van Japan Japan
Vlag van Nieuw-Zeeland Nieuw-Zeeland
Vlag van Zuid-Korea Zuid-Korea
Vlag van de Verenigde Staten Verenigde Staten
Vlag van Canada Canada

Volgens Oekraïne (22 augustus):
45.400 doden[6], 500-600 krijgsgevangenen[7]

Volgens westerse experts (4 augustus):
15.000 doden en gewonden[8]

Materiële verliezen
Rusland:
Volgens Oekraïne (22 augustus):
1.919 tanks
15 schepen
198 helikopters
234 vliegtuigen
4.230 gepantserde voertuigen
1.032 kanonnen
815 drones [9]

Volgens Rusland (16 april):
23.000 doden[11] en 2.500 krijgsgevangenen[12]
Volgens westerse experts (14 mei):
11.000 doden en 18.000 gewonden[13]

Materiële verliezen
Oekraïne:
Volgens Rusland (18 juni):
3.613 gepantserde voertuigen, waaronder tanks
206 vliegtuigen
132 helikopters
1.241 drones
8 schepen[14]

5.587 burgerdoden, 7.890 gewonden (reële cijfers zijn naar schatting aanzienlijk hoger) [15]

Aantal Oekraïense vluchtelingen volgens de UNHCR (17 augustus):
11.150.639 vluchtelingen[16]
ongeveer 7 miljoen mensen intern ontheemd en 13 miljoen mensen gestrand in de getroffen gebieden[17]

Aantal Oekraïense vluchtelingen teruggekeerd volgens de UNHCR (17 augustus):
4.767.914 Oekraïners sinds 28 februari[16]

De Russische invasie van Oekraïne is een aanvalsoorlog die begon op 24 februari 2022, toen Rusland buurland Oekraïne vanuit meerdere kanten binnenviel in een grote escalatie van de Russisch-Oekraïense Oorlog die sinds 2014 gaande is. De invasie veroorzaakte Europa's grootste vluchtelingencrisis sinds de Tweede Wereldoorlog, met meer dan 9,5 miljoen Oekraïners die het land ontvluchtten en een derde van de bevolking ontheemd[18] en tevens wereldwijde voedseltekorten.[19]

Rusland, dat in 2014 het Oekraïense schiereiland de Krim bezette en annexeerde en pro-Russische separatisten steunde bij de Oorlog in Oost-Oekraïne, begon in 2021 met een grote militaire troepenopbouw langs de grens met Oekraïne. De Russische president Vladimir Poetin verklaarde tegelijkertijd dat hij een eventuele toetreding van Oekraïne tot de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) nooit zou accepteren en beweerde dat hij zich zorgen maakte om de Russischtalige bevolking van het buurland. Nochtans ontkende de Russische regering lange tijd dat er plannen waren om Oekraïne binnen te vallen.[20]

Nadat Poetin op 21 februari de twee separatistische volksrepublieken Donetsk en Loegansk op Oekraïens grondgebied als onafhankelijke staten had erkend, stuurde hij er met goedkeuring van het Russische parlement militairen heen onder het mom van een 'vredesmissie'.[21] Op 24 februari kondigde Poetin een 'speciale militaire operatie' aan om Oekraïne te 'demilitariseren en denazificeren'.[22] Vrijwel direct daarna ontploften kruisraketten in Kiev en andere Oekraïense steden en vielen Russische grondtroepen Oekraïne binnen vanuit Rusland, Wit-Rusland, en de bezette gebieden Donetsk en Loegansk.[23][24] De Oekraïense president Volodymyr Zelensky kondigde in een reactie de staat van beleg en een algehele mobilisatie af.[25][26]

Russische militairen rukten op naar steden als Cherson, Marioepol, Soemy, Tsjernihiv, Charkov en de hoofdstad Kiev. Daarbij stuitten ze op hevig militair en lokaal verzet en kregen ze te maken met logistieke uitdagingen die hun voortgang belemmerden.[27] Op 27 februari dreigde Poetin impliciet met de inzet van kernwapens. Na het vastlopen van de opmars naar Kiev, kondigde het Russische ministerie van Defensie op 25 maart aan dat het leger zich nu zou concentreren op de 'bevrijding van de Donbas' in het oosten van Oekraïne. Te midden van zware verliezen trok het Russische leger zich op 8 april volledig terug uit de oblasten Kiev, Tsjernihiv en Soemy om de zuidelijke en oostelijke fronten te versterken bij de Slag om de Donbas.[28] De oblast Loehansk werd pas op 3 juli volledig ingenomen,[29] terwijl andere fronten grotendeels stationair bleven. Tegelijkertijd bleven de Russen burgerdoelen bombarderen ver van de frontlinie, bijvoorbeeld in Kiev[30] en Lviv,[31] maar ook in Krementsjoek. Op 20 juli meldde The New York Times dat Lavrov had aangekondigd dat Rusland zou reageren op de verhoogde militaire hulp voor Oekraïne uit het buitenland als rechtvaardiging voor de uitbreiding van het front met militaire doelen buiten de Donbas in zowel de oblast Zaporizja en oblast Cherson.[32]

De invasie werd internationaal breed veroordeeld. Verschillende landen verleenden humanitaire, militaire en financiële hulp aan Oekraïne. Van directe militaire inmenging was geen sprake, hoewel vanuit meerdere landen vrijwilligers afreisden om in het Oekraïense vreemdelingenlegioen te dienen. Wel stelden veel westerse landen sancties tegen Rusland in, die leidden tot een financiële crisis in het land.[33] Grote bedrijven stelden een boycot van Rusland en Wit-Rusland in. Er vonden wereldwijd protesten plaats, ook in Rusland zelf, waar demonstranten massaal werden gearresteerd en de Russische regering de repressie van onafhankelijke media opvoerde.[34][35][36]

Oekraïne spande op 25 februari 2022 een rechtszaak aan tegen Rusland bij het Internationaal Gerechtshof (ICJ) wegens het manipuleren van het begrip genocide om agressie te rechtvaardigen.[37] Dit was mogelijk omdat zowel Rusland als Oekraïne als partij waren toegetreden tot het Genocideverdrag van 1948. Het ICJ eiste op 16 maart dat Rusland onmiddellijk alle militaire activiteiten in Oekraïne zou staken.[38] Het Internationaal Strafhof begon strafrechtelijk onderzoek naar oorlogsmisdrijven in Oekraïne.[39]

Na de val van de Berlijnse Muur in 1989, rees al snel de vraag over het NAVO-lidmaatschap van het herenigde Duitsland. Sovjetleider Michail Gorbatsjov was tegen het lidmaatschap van voormalig Oost-Duitsland.[40] De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, James Baker, sprak in 1990 de historische woorden: 'De NAVO zal "geen inch" naar het oosten opschuiven', wat op dat moment vooral voor Oost-Duitsland gold, want uitbreiding van de NAVO naar andere landen was destijds niet aan de orde. Gorbatsjov werd in die dagen veelvuldig gerustgesteld door diverse westerse gesprekspartners en na toezeggingen van financiële steun en de afspraak dat er geen buitenlandse NAVO-troepen zouden worden gelegerd in voormalig Oost-Duitsland, ging de Sovjet-Unie akkoord en werd Duitsland als geheel lid van de NAVO.[40]

Later maakte de opheffing van het Warschaupact in juli 1991, dat voormalige Oostbloklanden al snel stonden te dringen om zich bij de NAVO te voegen. De mislukte Augustusstaatsgreep in Moskou in augustus 1991 en het daaropvolgende uiteenvallen van de Sovjet-Unie, maakten de buurlanden nerveus. Op 1 december 1991 stemde Oekraïne, de op een na machtigste republiek in de Sovjet-Unie, met een overweldigende meerderheid voor onafhankelijkheid. De mogelijkheid van een NAVO-lidmaatschap voor voormalige Sovjetrepublieken als de Baltische staten en Oekraïne werd voor het eerst serieus besproken.[40]

Hoewel de Russische president, Boris Jeltsin, een goede relatie had met de Amerikaanse president, Bill Clinton, kon hij de uitbreidingsplannen van de NAVO niet accepteren. Zowel de Franse president, Jacques Chirac, als de Duitse bondkanselier, Helmut Kohl, wilden liever geen haast maken met de uitbreiding uit bezorgdheid voor de reactie van Rusland, maar vonden geen gehoor in Washington.[40]

De Russische constitutionele crisis van 1993 waarin president Jeltsin tanks stuurde naar zijn opstandige parlementsleden en er in de straten van Moskou 187 doden vielen, alsmede de Russische inval van de naar afscheiding strevende deelrepubliek Tsjetsjenië in 1994 tijdens de eerste van twee opeenvolgende oorlogen die vele tienduizenden mensen het leven kostten, zorgden voor grote onrust in de regio.[40]

Na de ontbinding van de Sovjet-Unie onderhielden Oekraïne en Rusland nauwe banden en bleef Rusland Oekraïne beschouwen als een deel van zijn invloedssfeer.[41] In 1994 stemde Oekraïne ermee in als niet-kernwapenstaat toe te treden tot het Verdrag inzake de niet-verspreiding van kernwapens. Voormalige Sovjet-kernwapens in Oekraïne werden door Rusland verwijderd en ontmanteld. In ruil daarvoor kwamen Rusland, het Verenigd Koninkrijk (VK) en de Verenigde Staten (VS) overeen om de territoriale integriteit en politieke onafhankelijkheid van Oekraïne te handhaven door middel van het Memorandum van Boedapest. In 1999 was Rusland een van de ondertekenaars van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, dat 'het inherente recht van elke deelnemende staat herbevestigde om vrij te zijn om zijn veiligheidsregelingen, met inbegrip van alliantieverdragen, te kiezen of te wijzigen naarmate deze zich ontwikkelen.'[42] Beide bleken in 2014 waardeloos te zijn.[43]

Begin 1996 zei de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Warren Christopher, dat uitbreiding van de NAVO onafwendbaar was, tot grote woede van Moskou. Jeltsin legde zich uiteindelijk bij de situatie neer. Zijn opvolger Vladimir Poetin noemde het einde van de Sovjet-Unie 'de grootste geopolitieke catastrofe van de twintigste eeuw'. In 1999 werden Polen, Tsjechië en Hongarije lid van de NAVO. In 2004 traden Bulgarije, Estland, Letland, Litouwen, Roemenië, Slowakije en Slovenië toe.[44]

De Oekraïense presidentsverkiezingen van 2004 waren controversieel. Tijdens de verkiezingscampagne werd oppositie-kandidaat Viktor Joesjtsjenko vergiftigd en beschuldigde hij Rusland van betrokkenheid. In november 2004 werd premier Viktor Janoekovytsj tot winnaar uitgeroepen, ondanks beschuldigingen van verkiezingsfraude door verkiezingswaarnemers. Gedurende een periode van twee maanden die bekend werd als de Oranjerevolutie, hadden de grote vreedzame protesten de uitkomst met succes betwist.[45]

Tijdens zijn toespraak op de veiligheidsconferentie van München in 2007,[46] zei Poetin dat het Westen, na de ontbinding van het Warschaupact, had toegezegd dat de NAVO niet zou uitbreiden. Poetin refereerde aan de toespraak van de secretaris-generaal van de NAVO, Manfred Wörner, op 17 mei 1990 in Brussel en citeerde: 'het feit dat we klaar zijn om geen NAVO-leger buiten Duits grondgebied te plaatsen, geeft de Sovjet-Unie een stevige veiligheidsgarantie'. The Polish Institute of International Affairs (PISM) beschreef Poetins genoemde citaat uit de toespraak van Manfred Wörner als een gebrek aan de juiste context: de toespraak van Wörner had 'in feite alleen betrekking op het niet inzetten van NAVO-troepen op Oost-Duits grondgebied na de hereniging [met West-Duitsland]'.[47] Verder dateerde het citaat van Wörner uit 1990, terwijl Poetin in zijn speech suggereerde dat deze 'garanties' waren gegeven na de ontbinding van het Warschaupact in 1991.[44]

Op de Top van Boekarest in 2008 probeerden Oekraïne en Georgië lid te worden van de NAVO. De reactie onder de NAVO-leden was verdeeld; West-Europese landen verzetten zich tegen het aanbieden van Membership Action Plans (MAP) om te voorkomen dat ze Rusland zouden tegenwerken, terwijl de Amerikaanse president, George W. Bush, aandrong op hun toelating. Tegenover Bush verklaarde Poetin dat Oekraïne wat hem betreft helemaal geen staat was, maar dat een deel ervan bij Oost-Europa hoorde, terwijl een ander, aanzienlijk deel, "door ons is weggegeven". Mocht Oekraïne desondanks toch worden toegelaten tot het MAP, aldus Poetin, dan zou hij de Krim en het oosten van Oekraïne wel eens kunnen losrukken. Deze conversatie tussen Poetin en Bush werd drie dagen later onthuld door de Russische zakenkrant Kommersant.[44]

De NAVO weigerde uiteindelijk om Oekraïne en Georgië MAP's aan te bieden, maar in de slotconclusie van de top verklaarde de Duitse bondskanselier Angela Merkel: 'De NAVO verwelkomt de Euro-Atlantische ambities van Oekraïne en Georgië om lid te worden van de NAVO. We zijn vandaag overeengekomen dat deze landen lid zullen worden van de NAVO'. Poetin uitte krachtig verzet tegen de toetredingsbiedingen van Georgië en Oekraïne tot de NAVO. Russische leiders bestempelden een eventuele uitbreiding als een schending van de informele garanties van de westerse mogendheden dat de NAVO haar grenzen niet naar het oosten zou verleggen.[48] Tegen januari 2022 was de mogelijkheid dat Oekraïne lid zou worden van de NAVO nog steeds klein.[49]

Vijf maanden na de top van Boekarest vielen Russische troepen de separatistische Georgische provincie Zuid-Ossetië binnen, waarna een vijfdaagse oorlog tussen Rusland en Georgië volgde. Sindsdien is Georgië een land met een ‘bevroren conflict’ en bijgevolg niet geschikt voor een lidmaatschap van de NAVO. Datzelfde gebeurde zes jaar later, in 2014, nog een keer met Oekraïne.[44]

In 2009 traden Albanië en Kroatië toe tot de NAVO. In 2017 complementeerde ook Montenegro het bondgenootschap. Het enige uitbreidingsplan dat niet werd gerealiseerd, was het lidmaatschap van Oekraïne en Georgië.[44]

In februari 2014 werd de toenmalige pro-Russische Oekraïense president, Viktor Janoekovytsj, afgezet na maandenlange pro-westerse protesten die eindigden in de Revolutie van de Waardigheid in Kiev, waarbij meer dan honderd doden vielen. Vervolgens bezette Rusland het schiereiland de Krim en verleende militaire steun aan pro-Russische rebellen die in de oostelijke Donbasregio een gewapende strijd begonnen. Ter gelegenheid van de 'hereniging met de Krim' zei Poetin in het Kremlin: ‘Keer op keer hebben ze ons bedrogen, namen ze achter onze rug beslissingen. Zoals met de uitbreiding van de NAVO naar het oosten, met de uitbreiding van militaire infrastructuur tot aan onze grenzen. Een en andermaal beweerden ze: "Dat raakt jullie niet." Ja, dat is makkelijk gezegd.'[44]

De separatisten wisten de steden Donetsk en Loehansk en delen van de omgeving tot aan de Russische grens in handen te krijgen en riepen daar de zelfverklaarde volksrepublieken Donetsk en Loegansk uit. Net als Georgië is Oekraïne sindsdien een bevroren conflictgebied en zolang dat zo bleef kwamen deze landen niet in aanmerking voor het NAVO-lidmaatschap. In de jaren die volgden bleef de oorlog in Oost-Oekraïne doorwoekeren, met duizenden doden tot gevolg.

Een ander geschilpunt was de splitsing van de Zwarte Zeevloot. Oekraïne stemde ermee in de haven van Sebastopol te verhuren, zodat de Russische Zwarte Zeevloot deze samen met Oekraïne kon blijven gebruiken. Vanaf 1993 tot en met de jaren 1990 en 2000 hadden Oekraïne en Rusland verschillende gasconflicten.[50]

In het jaar voorafgaand aan de invasie, van februari tot april 2021, was er een grote militaire troepenopbouw door Rusland bij de Oekraïense grens. In juli 2021 publiceerde Vladimir Poetin een essay met de naam Over de historische eenheid van Russen en Oekraïners, waarin hij het bestaansrecht van een onafhankelijk Oekraïne ontkende.

Tussen oktober 2021 en februari 2022 volgde een tweede grootschalige Russische troepenopbouw bij de Oekraïense grens, in zowel Rusland, als Wit-Rusland. Tijdens deze ontwikkelingen ontkende de Russische regering herhaaldelijk dat er plannen waren om Oekraïne binnen te vallen.[51] Op 12 november 2021 zei Poetins woordvoerder Dmitri Peskov tegen verslaggevers dat Rusland 'niemand bedreigde'. Op 12 december vertelde hij dat er pogingen werden ondernomen om 'Rusland te demoniseren en af te schilderen als een potentiële agressor'.[52] Op 19 januari 2022 ontkende de Russische onderminister van Buitenlandse Zaken, Sergej Rjabkov, dat Rusland van plan zou zijn enige agressieve actie tegen Oekraïne te ondernemen. Op 12 februari deed Kremlin-adviseur van Buitenlandse Zaken Joeri Oesjakov waarschuwingen voor een naderende invasie af als 'hysterie'. Op 20 februari ontkende ook de Russische ambassadeur in de VS, Anatoli Antonov, dat Russische troepen een bedreiging zouden vormen of dat er plannen zouden zijn voor een invasie.[53]

Begin december 2021 gaven de VS, na herhaaldelijke Russische ontkenningen, inlichtingen vrij over Russische plannen voor een invasie, waaronder satellietfoto's van Russische troepen en uitrusting nabij de Oekraïense grens.[54] Ook meldde de inlichtingendienst het bestaan van een Russische lijst van belangrijke locaties en personen die bij een invasie moesten worden gedood of geneutraliseerd.[55][56] De VS bleven rapporten vrijgeven die de invasieplannen voorspelden. Op 31 januari 2022 beschuldigde de gepensioneerde kolonel-generaal Leonid Ivasjov, als voorzitter van de Russische Officierenvergadering, Poetin en de rest van het Russische landsbestuur ervan een oorlog tegen Oekraïne voor te bereiden en riep hen op om af te treden.[57][58]

In de maanden voorafgaand aan de invasie beschuldigden Russische functionarissen Oekraïne van het aanzetten tot spanningen, russofobie en onderdrukking van Russischsprekenden. Daarnaast stelde Rusland meerdere veiligheidseisen aan Oekraïne, de NAVO, en niet-NAVO-bondgenoten in de Europese Unie (EU), waarbij twee verdragen voorgesteld werden met verzoeken tot veiligheidsgaranties, waaronder een juridisch bindende belofte dat Oekraïne nooit zou toetreden tot de NAVO en dat de NAVO-troepen en wapens die waren gestationeerd in Oost-Europa in aantal zouden worden verminderd.[59] De eisen van Rusland gingen gepaard met het dreigement dat er een militair antwoord zou komen als de VS en NAVO zouden vasthouden aan hun 'agressieve lijn'.[60][61] Deze acties werden door commentatoren en westerse functionarissen beschreven als pogingen om een oorlog te rechtvaardigen.[62] Op 9 december 2021 zei Poetin: 'Russofobie is een eerste stap in de richting van genocide'.[63][64] Op 15 februari 2022 zei Poetin tegen de pers dat er genocide werd gepleegd in de Donbas.[65] De Russische regering veroordeelde ook het taalbeleid in Oekraïne.[66][67] De beweringen van Poetin en Russische functionarissen over genocide werden door de internationale gemeenschap afgewezen als ongegrond.[68][69] De Europese Commissie karakteriseerde de beschuldigingen als 'Russische desinformatie'.[70]

Op 21 februari trok Poetin in zijn speech[71] de legitimiteit van de Oekraïense staat in twijfel. Ook herhaalde Poetin zijn bewering dat 'Oekraïne nooit een traditie als echte staat heeft gehad'[72] en beschreef hij het land ten onrechte als gecreëerd door 'Sovjet-Rusland'. Om een invasie te rechtvaardigen, beschuldigde Poetin de Oekraïense samenleving en de regering ervan te worden gedomineerd door neo-nazisme.[73] Ook haalde hij een antisemitische samenzweringstheorie aan, die Russische christenen, in plaats van joden, als de echte slachtoffers van nazi-Duitsland beschouwt.[74] Ondanks de aanwezigheid van extreemrechtse groeperingen in Oekraïne waaronder het Azovbataljon en de Rechtse Sector,[73] beschreven analisten de retoriek van Poetin als een overdrijving van de invloed van extreemrechtse groepen in Oekraïne; ze wezen erop dat er geen brede steun voor de ideologie was in de regering, het leger of onder de bevolking.[75][76] De Oekraïense president Volodymyr Zelensky, die zelf joods is, verklaarde dat zijn grootvader in het Sovjet-leger diende om tegen de nazi's te vechten;[77] drie van zijn familieleden stierven in de Holocaust.[78] Het US Holocaust Memorial Museum en Yad Vashem veroordeelden Poetins misbruik van de Holocaust-geschiedenis.[79][80][81]

Vanaf 17 februari 2022 escaleerden de gevechten in de Donbas aanzienlijk.[83] Terwijl het aantal aanvallen in de eerste zes weken van 2022 tussen de twee en vijf per dag lag, meldde het Oekraïense leger dat er alleen op die dag al 60 aanvallen hadden plaatsgevonden. Russische staatsmedia berichtten op dezelfde dag meer dan 20 artillerie-aanvallen op posities waar zich pro-Russische separatisten bevonden.[84] De Oekraïense regering beschuldigde de door Rusland gesteunde separatisten ervan een kleuterschool in Stanytsja Luhanska, een nederzetting in de oblast Loehansk, te hebben beschoten met artillerie. Tegelijkertijd beweerden separatisten in de zelfverklaarde volksrepubliek Loegansk dat hun eigen strijdkrachten door Oekraïense troepen waren aangevallen met machinegeweren, mortieren en granaatwerpers.[85]

Op 18 februari gaven de volksrepublieken Donetsk en Loegansk het bevel tot verplichte noodevacuaties van ouderen, vrouwen en kinderen,[86][87] vanwege een vermeende naderende 'Oekraïense invasie'. Poetin kondigde aan dat iedere 'vluchteling' die vanuit de Donbas de grens naar Rusland over zou steken, 10.000 roebel (130 dollar) zou ontvangen. Waarnemers merkten vervolgens op dat er geen noemenswaardige aantallen mensen werden geëvacueerd, terwijl een volledige evacuatie maanden in beslag zou nemen.[88] Oekraïense media meldden een sterke toename van artilleriebeschietingen door (Russische) militanten in de Donbas, en vermoedden dat het pogingen waren om het Oekraïense leger te provoceren.[89][90] Op 21 februari kondigde de Russische Federale Veiligheidsdienst (FSB) aan dat Oekraïense beschietingen een FSB-grensfaciliteit hadden vernietigd op 150 meter van de Russisch-Oekraïense grens in de oblast Rostov.[91] De warmte-krachtcentrale van Loehansk was beschoten met artillerie en volgens Oekraïense media moest deze als gevolg daarvan sluiten.[92]

Op 21 februari maakte de persdienst van het Russische zuidelijk militaire district bekend dat, in de buurt van het dorp Mitjakinskaja in de Russische oblast Rostov, Russische troepen die ochtend een groep van vijf saboteurs hadden gedood, die de grens van Rusland waren binnengedrongen in twee infanteriegevechtsvoertuigen. De voertuigen waren vernietigd.[93] Oekraïne ontkende bij de incidenten betrokken te zijn en noemde het een 'valse vlag'-operatie.[94][95] Daarnaast werden er in Oekraïne twee Oekraïense soldaten en een burger gedood tijdens beschietingen in het dorp Zajtseve in de oblast Donetsk.[96] Verschillende analisten, waaronder de onderzoekswebsite Bellingcat,[97] publiceerden bewijs dat veel van de geclaimde aanvallen, explosies en evacuaties in de Donbas door Rusland waren geënsceneerd.[98][99]

Op 21 februari om 22:35 (UTC+3) kondigde president Poetin aan dat de Russische regering de zelfverklaarde volksrepublieken Donetsk en Loegansk diplomatiek zou erkennen.[100] Diezelfde avond stuurde Poetin Russische troepen naar de Oost-Oekraïense regio Donbas, in wat Rusland een 'vredesmissie' noemde.[101][102] Later op de avond bevestigden verschillende onafhankelijke media dat Russische troepen de Donbas waren binnengetrokken.[103][104] De interventie in de Donbas werd veroordeeld door verschillende leden van de VN-Veiligheidsraad.[105]

Op 22 februari gaf de Federatieraad van Rusland Poetin unaniem toestemming voor het gebruik van militair geweld buiten Rusland.[106] Als reactie beval Zelensky de dienstplicht van Oekraïense reservisten, maar verplichtte zich niet tot algemene mobilisatie.[107] De volgende dag riep het parlement van Oekraïne een nationale noodtoestand van 30 dagen uit, die om middernacht van kracht ging. Ook beval het parlement de mobilisatie van alle legerreservisten.[108][109] Ondertussen begon Rusland zijn ambassade in Kiev te evacueren. De Russische vlag werd vanaf de top van het gebouw omlaaggehaald.[110] De websites van het Oekraïense parlement en de Oekraïense regering werden, samen met websites van banken, getroffen door DDoS-aanvallen, algemeen toegeschreven aan door Rusland gesteunde hackers.[111][112]

In de nacht van 23 februari hield Zelensky een toespraak in het Russisch, waarin hij Russische burgers opriep om een oorlog te voorkomen.[113][114] Hij weerlegde ook de beweringen van Rusland over de aanwezigheid van neonazi's in de Oekraïense regering en verklaarde dat hij niet van plan was de afvallige Donbas-regio aan te vallen.[115]

Kremlin-woordvoerder Peskov zei dat de separatistische leiders in de zelfverklaarde volksrepublieken Donetsk en Loegansk een brief naar Poetin hadden gestuurd, waarin stond dat Oekraïense beschietingen burgerdoden hadden veroorzaakt en dat ze daarom een beroep deden op militaire steun vanuit Rusland.[116] In reactie daarop verzocht Oekraïne om een dringende vergadering van de VN-Veiligheidsraad,[117] die om 21:30 (UTC−5) bijeenkwam.[118] VN-secretaris-generaal António Guterres opende de bijeenkomst door Poetin te vragen 'vrede een kans te geven'.[119] Een half uur na de spoedvergadering kondigde Poetin de start van militaire operaties in Oekraïne aan. Serhij Kyslytsja, de Oekraïense vertegenwoordiger, riep vervolgens de Russische vertegenwoordiger, Vasili Nebenzja, op om al het mogelijke te doen om de oorlog te stoppen of afstand te doen van zijn positie als president van de VN-Veiligheidsraad. Nebenzja weigerde aan dit verzoek gehoor te geven.[120][121]

Op 24 februari, kort voor 06:00 uur (UTC+3), maakte Poetin bekend dat hij de beslissing had genomen om een 'speciale militaire operatie' in Oekraïne te beginnen.[122] In zijn toespraak verklaarde Poetin dat er geen plannen waren om Oekraïens grondgebied te bezetten en dat hij het recht van de volkeren van Oekraïne op zelfbeschikking steunde.[123][124] Hij zei dat 'het doel van de 'operatie' was om de overwegend Russischsprekende bevolking van de Donbas te beschermen', die volgens Poetin 'al acht jaar werd geconfronteerd met vernedering en genocide gepleegd door het regime van Kiev'.[125] Binnen enkele minuten na deze aankondiging werden explosies gemeld in Kiev, Charkov, Odessa en de Donbas.[126] Een (vermoedelijk) uitgelekt rapport van de Russische geheime dienst, Federalnaja Sloezjba Bezopasnosti (FSB), stelde dat er 'geen opties waren voor een mogelijke overwinning in Oekraïne' en zei dat ze niet waren ingelicht over het plan om Oekraïne binnen te vallen.[127]

Onmiddellijk na de aanval kondigde de Oekraïense president Volodymyr Zelensky de staat van beleg af.[128] Dezelfde avond beval hij een algehele mobilisatie van alle reservisten en Oekraïense mannen tussen de 18 en 60 jaar oud. Zij mochten het land niet meer verlaten, zodat ze beschikbaar bleven voor een oproep.[129][130]

De volledige operatie bestond uit infanteriedivisies ondersteund door gepantserde eenheden en luchtsteun in Oost-Oekraïne, samen met tientallen raketaanvallen in zowel Oost- als West-Oekraïne.[131] Ogenschijnlijk werden de belangrijkste aanvallen van infanterie en tankdivisies gelanceerd met vier speerpunten, waarbij een noordelijk front (gelanceerd in de richting van Kiev), een zuidelijk front (afkomstig van de Krim), een zuidoostelijk front (gelanceerd vanuit de separatistische volksrepublieken Donetsk en Loegansk) en een oostfront werd gecreëerd. Ook werd er een uitgebreide campagne uitgevoerd met tientallen raketaanvallen in heel Oekraïne, tot ver in het westen in Lviv.[132] Huurlingen van de Wagner Group en Tsjetsjeense troepen hebben naar verluidt verschillende pogingen ondernomen om Volodymyr Zelensky te vermoorden. De Oekraïense regering zei dat deze inspanningen werden gedwarsboomd door anti-oorlogsfunctionarissen van de Russische Federale Veiligheidsdienst (FSB), die inlichtingen over de plannen deelden.[133]

Op 25 maart kondigde het Russische ministerie van Defensie aan dat de 'eerste fase' van wat zij de 'militaire operatie in Oekraïne' noemden, over het algemeen was voltooid, waarbij de Oekraïense strijdkrachten 'ernstige verliezen hadden geleden', en het Russische leger zich nu zou concentreren op de 'bevrijding van de Donbas' in het oosten van Oekraïne. Over de eerder genoemde doelen, het 'demilitariseren' en 'denazificeren' van Oekraïne, werd niet meer gesproken.[134] Het Russische offensief leek grotendeels stilgevallen. Bovendien had het Oekraïense leger inmiddels rond Kiev, Charkov, Soemy en in het zuiden een tegenoffensief ingezet en enkele gebieden heroverd.[135][136] Op 7 april waren Russische troepen die aan het noordelijke front waren ingezet teruggetrokken voor schijnbare bevoorrading en daaropvolgend een herschikking naar de Donbas-regio om de zuidelijke en oostelijke fronten te versterken voor een hernieuwd invasiefront van Zuidoost-Oekraïne. Het noordoostelijke front, inclusief het centrale militaire district, werden eveneens teruggetrokken.[137] Op 8 april kreeg generaal Aleksandr Dvornikov de leiding over de militaire operaties tijdens de invasie.

Op 18 april meldde de voormalige VS-ambassadeur bij de NAVO, Douglas Lute, in een interview met PBS Newshour dat Rusland zijn troepen had geherpositioneerd om een nieuwe aanval op Oost-Oekraïne te beginnen. De aanval zou beperkt blijven tot Ruslands oorspronkelijke inzet van 150.000 tot 190.000 troepen voor de invasie, hoewel de troepen goed werden bevoorraad door adequate Russische wapenvoorraden opgeslagen in Rusland. Voor Lute stond dit in schril contrast met de enorme omvang van de Oekraïense troepen, bestaande uit alle mannelijke Oekraïense burgers tussen 16 en 60 jaar oud, echter zonder adequate wapens beschikbaar in de zeer beperkte wapenvoorraad van Oekraïne.[138] Na Poetins toespraak op de Dag van de Overwinning begin mei, sprak Avril Haines van het kabinet-Biden de geopolitieke verwachting uit dat er geen kortetermijnoplossing voor de Russische invasie van Oekraïne kon worden verwacht, en dat ze zich voorbereidden op een langdurig conflict in Oekraïne dat langer zou duren dan slechts enkele maanden.[139]

Op 30 mei waren de verschillen tussen de Russische en Oekraïense artillerie duidelijk, waarbij de Russische artillerie een groter bereik had, evenals andere militaire verschillen. Russische troepen lieten zien dat ze zich meer richtten op het beschermen van hun bevoorradingslijnen door langzamere, meer methodische vorderingen te maken. Ze profiteerden ook van het gecentraliseerde commando onder generaal Aleksandr Dvornikov.[140] De wapenleveranties aan Oekraïne waren nog beperkt, omdat westerse landen vreesden dat Oekraïne de wapens zou gebruiken om doelen in Rusland te raken.[141] Militaire experts waren verdeeld over de uitkomst van het conflict, sommigen suggereerden om territorium te ruilen voor vrede, terwijl anderen geloofden dat Oekraïne hun verzet tegen de invasie kon volhouden vanwege de onhoudbare Russische verliezen.[142] Op 2 juni meldde het Conflict Intelligence Team (CIT), verwijzend naar verklaringen van Russische soldaten, dat kolonel-generaal Gennady Zjidko de leiding had gekregen over de Russische strijdkrachten, ter vervanging van generaal Dvornikov.[143] Als reactie op Bidens aankondiging dat Oekraïne verbeterde artillerie zou krijgen, gaf Poetin aan dat Rusland zijn invasiefront zou uitbreiden om nieuwe steden in te nemen. Op 6 juni gaf hij als een schijnbare vergelding de opdracht tot een raketaanval op Kiev, nadat de stad enkele weken niet rechtstreeks was aangevallen. Op 10 juni verklaarde Vadym Skibitsky, plaatsvervangend hoofd van de militaire inlichtingendienst van Oekraïne, tijdens de Sjevjerodonetsk-campagne, dat de frontlinies de plaatsen waren waar de toekomst van de invasie zou worden beslist. Volgens Skibitsky was de ammunitie bijna op en waren er veel meer wapens nodig van het Westen om de artillerieoorlog te winnen.[144]

Russische troepen kwamen Oekraïne binnen vanuit het noorden via Wit-Rusland (richting Kiev); vanuit het noordoosten uit Rusland (richting Charkov); vanuit het oosten via de Donbas; en vanuit het zuiden via de, in 2014 door Rusland geannexeerde, Krim (richting Cherson).[145] Kiev en Charkov zijn de twee grootste steden van Oekraïne. Aan de oostzijde van Cherson ligt de belangrijke Antonovsky-brug over de Dnjepr, waarlangs Odessa voor Russische legereenheden te bereiken zou zijn.[146]

De poging om Kiev in te nemen omvatte een opmars van Russische troepen vanuit Wit-Rusland langs de westelijke oever van de Dnjepr, richting Kiev. De opmars werd ondersteund door twee afzonderlijke aanvalsassen vanuit Rusland langs de oostelijke oever van de Dnjepr: de westelijke as bij Tsjernihiv en de oostelijke as bij Soemy. Via deze aanvalsassen leken de troepen Kiev te willen omsingelen vanuit het noordoosten en oosten.[147]

Bij het begin van de invasie op 24 februari werd het noordelijke front gelanceerd vanuit Wit-Rusland en gericht op Kiev met een noordoostelijk front dat werd gelanceerd bij de stad Charkov; het zuidoostelijke front werd uitgevoerd als twee afzonderlijke speerpuntfronten, waaronder een zuidelijk front (afkomstig uit de Krim) en een afzonderlijk probatief zuidoostfront (gelanceerd in de steden Loehansk en Donetsk).

Vanaf de Wit-Russische grens komt de Dnjepr uit in een deltagebied met talloze waterwegen en kreken, waarna de rivier overgaat in het Kievreservoir, een 12 km breed stuwmeer dat 110 km verderop eindigt bij de Kievstuwdam, waar de Dnjepr zijn weg vervolgt richting de Zwarte Zee. Dit gebied vormt een natuurlijke barrière voor zowel het Russische als het Oekraïense leger. De eerste brug over de rivier is 95 km afstand in vogelvlucht ten noorden van Kiev, aan de Wit-Russisch/Oekraïense grens.

Langs de westelijke oever van de Dnjepr had het Russische leger op 24 februari de voormalige kerncentrale Tsjernobyl en de spookstad Pripjat, inclusief het omliggende gebied veroverd. De opmars werd gehinderd door sterke weerstand van Oekraïense troepen.[148][149]

Na hun doorbraak in Tsjernobyl ging de Russische opmars verder richting het stadje Ivankiv, 90 km ten noorden van Kiev.[150] Russische luchtlandingstroepen probeerden Luchthaven Hostomel en de Antonov-fabrieken in te nemen. Volgens berichten gebruikten de Russen helikopters.[151] In eerste instantie veroverden de Russen het vliegveld,[152] maar ze konden uiteindelijk een tegenaanval door Oekraïense troepen niet weerstaan.[153] Bij de aanval op Hostomel werd het grootste vliegtuig ter wereld, de Antonov An-225, vernietigd.[154][155]

Toen de Russische militaire colonne op 25 februari op minder dan 24 uur afstand van het dorp Kozarovitsji was, besloot de burgemeester van het dorp – dat aan de westelijke oever van het Kievwaterreservoir, op 40 km ten noorden van Kiev ligt – om de dam op te blazen, waardoor 30 km² bouwland inclusief het dorp overstroomde. De Russische troepen zaten bijgevolg muurvast, wat een grote tegenslag in hun opmars naar Kiev betekende.[156]

Ten zuiden van Kiev werden op 26 februari de luchthaven van Vasylkiv en de stad Vasylkiv aangevallen.[157][158] De luchthaven werd geheel verwoest.[159] Het leek een poging om Kiev snel in te nemen, waarbij Spetsnaz de stad infiltreerden ondersteund door luchtlandingsoperaties en een snelle opmars vanuit het noorden.[160] Op 1 maart werd de televisietoren in Kiev gebombardeerd. Naar alle waarschijnlijkheid wilden de Russen het communicatiemiddel platleggen, wat deels was gelukt.[161] Een drone filmde op 3 maart de verwoesting in Borodjanka, een stad ten noordwesten van Kiev, waar een flatgebouw was gebombardeerd. In de straten was zwaar gevochten. Enkele honderden meters van het gebouw waren uitgebrande Russische voertuigen te zien.[162]

Begin maart was een verdere Russische opmars langs de westkant van de Dnjepr-rivier beperkt door een sterke Oekraïense verdediging. Op 5 maart had het, naar verluidt, 60 kilometer lange Russische konvooi nog maar weinig vooruitgang geboekt richting Kiev.[163] De in Londen gevestigde denktank Royal United Services Institute (RUSI) beoordeelde de Russische opmars vanuit het noorden en oosten als 'vastgelopen'.[164]

Bij de ondersteuning vanuit de oostkant van de Dnjepr, was de vooruitgang langs de westelijke Tsjernihiv-as grotendeels gestopt toen het op 9 maart de belegering van Tsjernihiv begon. Rusland boekte de grootste vooruitgang langs de oostelijke Soemy-as. Vanuit Soemy bewogen de Russische troepen zich over snelwegen door vlak, onbevolkt open land met weinig verdedigingsposities en bereikten op 4 maart Brovary, een oostelijke voorstad van Kiev.[165][166]

Aan de westelijke oever van de Dnjepr, veroverden Russische troepen op 5 maart Boetsja, Hostomel en Vorzel,[167] hoewel de strijd om Irpin op 9 maart nog niet was beslist.[168] Op 11 maart werd gemeld dat het lange konvooi zich grotendeels had verspreid en posities had ingenomen die beschutting boden. Het lukte de Russische troepen niet om de Irpinrivier bij Irpin over te steken.[169] Op 16 maart begonnen Oekraïense troepen een tegenoffensief om Russische troepen die Kiev naderden vanuit verschillende omliggende steden af te weren.[170] Volgens Amerikaanse functionarissen waren de Russische troepen niet in staat om een snelle overwinning in Kiev te behalen, waardoor ze van strategie veranderden en begonnen met het gebruik van stand-off-wapens, willekeurige bombardementen en belegeringsoorlogen.[171] Op 23 maart resulteerde het tegenoffensief in de heroveringen van Makariv en Irpin, twee voorsteden ten noordwesten van Kiev.[172]

In de ochtend van 8 april meldden Britse militaire inlichtingendiensten dat het Russische leger zich nu volledig had teruggetrokken uit het noorden van Oekraïne. Veel van de soldaten zouden naar Wit-Rusland en Rusland zijn gegaan, om zich te bevoorraden en hergroeperen.[173]

Het offensief in Noordoost-Oekraïne behelsde een grootschalige aanval van de Russische strijdkrachten op het grondgebied van de oblasten Tsjernihiv en Soemy en de gelijknamige hoofdsteden. Op 24 februari probeerden de Russisch troepen Tsjernihiv in te nemen, maar dit mislukte. De stad werd zwaar gebombardeerd en op 10 maart compleet omsingeld.[174] Tsjernihiv werd belegerd en volledig geïsoleerd. De kritieke infrastructuur voor de 300.000 inwoners van Tsjernihiv werd voortdurend aangevallen door de Russen. Er vielen 350-400 Oekraïense militaire-en burgerdoden. Op 4 april 2022 verklaarden de Oekraïense autoriteiten dat het Russische leger de oblast Tsjernihiv had verlaten.[175]

In de oblast Soemy veroverde het Russische leger op 24 februari 2022 bijna de hoofdstad Soemy, 35 kilometer van de Russische grens. In de Slag om Soemy begonnen Oekraïense soldaten en milities, ondanks weinig aanvankelijke weerstand, terug te vechten, wat resulteerde in hevige stedelijke oorlogsvoering.[176][177] Volgens Oekraïense bronnen werden meer dan 100 Russische tanks vernietigd en 104 soldaten gevangengenomen.[178] Er vielen minstens 25 burgerslachtoffers.[179]

De strijd om de controle over Konotop – de tweede stad van de oblast Soemy, 90 kilometer van de Russische grens – werd op 25 februari door de Russen gewonnen.[180][181] Op 2 maart verklaarde Artem Semenitsjin, de burgemeester van Konotop, dat Russische troepen in de stad hem waarschuwden dat ze de stad zouden beschieten als de bewoners zich tegen hen zouden verzetten.[182] Vervolgens vroeg Semenitsjin aan de inwoners van de stad of ze wilden vechten of zich overgeven, waarop de bewoners 'overweldigend' weigerden zich over te geven.[183] Later op de dag begonnen de stadsautoriteiten onderhandelingen met Russische troepen, die 12 minuten duurden. Er werd een overeenkomst bereikt waarbij Russische troepen ermee instemden de regering van de stad niet te veranderen, geen troepen in de stad in te zetten, het transport niet te belemmeren en de Oekraïense vlag niet te verwijderen. In ruil daarvoor kwamen de stadsfunctionarissen overeen dat de bewoners de Russische troepen niet zouden aanvallen.[184]

Er vonden ook gevechten plaats in de stad Ochtyrka, in het zuiden van de oblast Soemy. De gevechten begonnen op 24 februari in de buitenwijken van de stad toen Russische troepen Ochtyrka probeerden te bezetten. De opmars werd afgeslagen en de Russische troepen trokken zich de volgende dag terug, met achterlating van tanks en uitrusting.[185] Daaropvolgend werd de stad aangevallen door artillerievuur en trof clustermunitie een kleuterschool, waarbij meerdere slachtoffers vielen.[186] Op 27 februari zouden Oekraïense troepen Russische tanks hebben vernietigd die probeerden de nabijgelegen strategische stad Trostjanets in te nemen. De burgemeester van de stad verklaarde later: 'Russen, welkom in de hel! Verdom jullie, niet Oekraïne! Trostjanets, en heel Oekraïne! We zullen winnen!'.[187] Dit verstoorde de Russische communicatie- en bevoorradingsroutes en bedreigde het Russische front.

Op 10 maart verklaarde de gouverneur van de oblast Soemy, Dmytro Zjyvytsky, dat Ochtyrka voortdurend werd gebombardeerd. De infrastructuur van de stad werd hierdoor verwoest, inclusief het rioleringssysteem en het waterleidingnet. Eerder waren een oliedepot en de lokale warmte-krachtcentrale al gebombardeerd, waardoor de stad werd afgesneden van de elektriciteits- en verwarmingsvoorziening.[188][189] Er kwamen meer dan 70 Oekraïense soldaten om het leven toen een militaire basis werd geraakt door een Russische thermobarische bom. Op 26 maart trokken de Russische troepen zich terug uit Ochtyrka,[190] er vielen 100 burgerslachtoffers.[191]

Op 4 april 2022 verklaarde gouverneur Zjyvytsky dat er in zijn oblast geen bezette steden of dorpen meer waren en dat de Russische troepen zich grotendeels hadden teruggetrokken, terwijl Oekraïense troepen bezig waren de resterende eenheden te verdrijven.[192] De gouverneur verklaarde op 7 april dat alle Russische troepen de oblast Soemy hadden verlaten. Hij voegde eraan toe dat het grondgebied van de regio nog steeds onveilig was vanwege explosieven en andere munitie die door Russische troepen waren achtergelaten.[193]

Op 24 februari namen Russische troepen vanuit de Krim in het zuiden de controle over het Noord-Krimkanaal over, waardoor de watervoorziening van het schiereiland via de Dnjepr, dat sinds 2014 was afgesneden, werd hersteld.[194] De opmars bewoog zich langs de zuidelijke kuststrook naar het oosten, in de richting van Marioepol. Op 26 februari begon de belegering van Marioepol, een strategische stad die het front kon verbinden met de separatistische regio's van de Donbas.[195] Op weg naar Marioepol trokken Russische troepen Berdjansk binnen voordat ze het de volgende dag veroverden.[196] Op 1 maart bereidden Russische troepen zich voor om hun aanval op Melitopol, 200 km ten westen van Marioepol, te hervatten.[197] Ivan Fedorov, de burgemeester van Melitopol, verklaarde later dat de Russen de stad hadden bezet.[198] In de ochtend van 25 februari rukten Russische troepen op vanuit Volksrepubliek Donetsk (DPR) in het oosten richting Marioepol en stuitten op hevig verzet van de Oekraïense krijgsmacht in de buurt van het dorp Pavlopil, zo'n 30 km van Marioepol. Volgens de burgemeester van Marioepol werden tijdens deze confrontatie 22 Russische tanks vernietigd.[199][200] De Russische Marine begon naar verluidt in de avond van 25 februari een amfibische aanval op de kustlijn van de Zee van Azov, 70 kilometer ten westen van Marioepol.[201] Een Amerikaanse defensiefunctionaris zei dat de Russen mogelijk duizenden Russische mariniers vanuit dit bruggenhoofd zouden inzetten.[202][203]

Een tweede aanvalsas vanuit de Krim verplaatste zich op 26 februari naar het noorden en naderde de bij Enerhodar gelegen kerncentrale Zaporizja, de grootste kerncentrale van Europa.[204][205][206] Op 28 februari begon de belegering van Enerhodar, in een poging de controle over de kerncentrale over te nemen.[207] Tijdens het vuurgevecht ontstond een brand.[208] Het International Atomic Energy Agency verklaarde dat er geen essentiële apparatuur was beschadigd.[209] In de vroege ochtend van 4 maart werd de kerncentrale Zaporizja urenlang beschoten en uiteindelijk ook ingenomen door Russische troepen. Hoewel er branden werden gemeld, was er geen stralingslek.[210] Vanaf Zaporizja wordt de Dnjepr-rivier een stuwmeer dat zuidwaarts reikt tot de stuwdam van Nova Kachovka, waarna de Dnjepr via Cherson uitmondt in de Zwarte Zee. De Dnjepr vormt zo een natuurlijke barrière van 230 km in vogelvlucht voor beide legers. De enige verbindingen zijn de spoorwegverbinding over de stuwdam van Nova Kachovka en een weg en spoorbrug 10 km ten oosten van Cherson.

Een derde aanvalsas vanuit de Krim verplaatste zich naar het noordwesten, waar Russische troepen bruggen over de Dnjepr veroverden.[211] Op 2 maart meldden diverse media en het Russische ministerie van Defensie dat de stad Cherson in het zuiden van Oekraïne volledig door het Russische leger was ingenomen,[212] Oekraïense autoriteiten spraken dat tegen. Volgens een lokale functionaris waren er 200 mensen omgekomen, voornamelijk burgers.[213] Russische troepen trokken vervolgens westwaarts richting Mykolajiv, dat tussen Cherson en Odessa ligt. Op 4 maart sloegen Oekraïense verdedigers een aanval op deze stad af en heroverden ze de nabijgelegen vliegbasis Koelbakino. De Russische legereenheid passeerde de stad Mykolajiv om 85 km noordwaarts, langs de oostelijke oever van de Zuidelijke Boeg-rivier, de stad Voznesensk aan te vallen. Bij deze stad is een strategische brug over de rivier. De aanval mislukte na drie dagen van hevige strijd,[214] waarna de Russische eenheid zich helemaal terugtrok. Het Russische leger slaagde er zodoende niet in om de Zuidelijke Boeg-rivier over te steken, wat wel nodig was om de stad Odessa te kunnen bereiken. Op 16 maart 2022 startte het Russisch leger vanaf Cherson een offensief in de noordoostelijke richting, om de noordoever van de Dnjepr en het resterende deel van de Oblast Cherson onder controle te krijgen. Op 21 maart bereikten de Russen de grenzen van de Oblast, maar daarna verschoof de frontlinie meerdere malen door offensieven aan beide zijden. (zie dynamische kaart)

Begin maart werd Marioepol volledig omsingeld door het Russische leger. Op 4 maart stond de stad op omvallen en dreigde een humanitaire crisis.[215] De Oekraïense regering meldde op 14 maart dat er in Marioepol sinds het begin van de invasie zeker 2500 doden waren gevallen.[216] Op 16 maart werd het Regionaal Dramatheater van Donetsk in Marioepol het doelwit van een bombardement. In het theater schuilden volgens de berichten omstreeks het moment van de aanval tussen de 600 en 800 burgers; het aantal doden werd door de gemeente Marioepol geschat op 300, over het precieze aantal bestaat tot op heden onduidelijkheid[217] (zie ook #Bombardement op theater van Marioepol).

Op 18 maart beschoten Russische marineschepen de steden Marioepol en Odessa.[218] Op diezelfde dag werd een militaire kazerne bij Mykolajiv door Rusland gebombardeerd, waarbij zeker 80 militairen zouden zijn omgekomen.[219] Op 29 maart werd ook het gebouw van het regionale bestuur in Mykolajiv getroffen door een Russische raket. Volgens de berichten vielen daarbij 15 doden en meer dan 30 gewonden.[220][221]

Op 20 maart werd een kunstacademie in Marioepol, die ongeveer 400 mensen huisvestte, verwoest door Russische bombardementen. Op dezelfde dag, toen Russische troepen hun belegering van de stad voortzetten, eiste de Russische regering een volledige overgave, wat verschillende Oekraïense regeringsfunctionarissen weigerden. Op 24 maart trokken Russische troepen het centrum van Marioepol binnen. Het stadsbestuur beweerde dat de Russen de inwoners probeerden te demoraliseren door publiekelijk beweringen over Russische overwinningen te schreeuwen, waaronder verklaringen dat Odessa was ingenomen. Op 27 maart verklaarde de vice-premier van Oekraïne, Olha Stefanisjyna, 'De inwoners van Marioepol hebben geen toegang tot water, voedsel of wat dan ook. Meer dan 85 procent van de hele stad is verwoest'. In een telefoongesprek met Emmanuel Macron op 29 maart verklaarde Poetin dat het bombardement op Marioepol, gezien de vergevorderde staat van verwoesting in de bijna veroverde stad, pas zou eindigen als de Oekraïense troepen Marioepol volledig zouden opgeven.

Op 1 april werd een reddingspoging van de VN om honderden burgerslachtoffers uit Marioepol te vervoeren met 50 toegewezen bussen belemmerd door Russische troepen, die de bussen een veilige doorgang naar de stad weigerden terwijl de vredesbesprekingen in Istanboel doorgingen. Op 3 april, na de terugtrekking van Russische troepen uit Kiev aan het einde van de eerste fase van de militaire invasie, breidde Rusland zijn aanval op Zuid-Oekraïne verder naar het westen uit met meer bombardementen en aanvallen op Odessa, Mykolajiv en de kerncentrale van Zaporizja.

Vanaf de eerste dag van de invasie probeerden Russische strijdkrachten in het noordoosten de stad Charkov te veroveren, dat minder dan 35 kilometer van de Russische grens ligt.[222][223] In de Slag om Charkov, stuitten Russische tanks op sterke tegenstand. Op 25 februari werd de Russische vliegbasis Millerovo in oblast Rostov, aangevallen door Oekraïense strijdkrachten met OTR-21 Tochka-raketten. Volgens Oekraïense functionarissen werden er verschillende vliegtuigen van de Russische luchtmacht vernietigd en werd de vliegbasis in brand gestoken. Op 28 februari bombardeerden de Russen Charkov, waarbij meerdere instanties vermoedden dat er clustermunitie[224] of vacuümbommen[225] waren ingezet. Er vielen tientallen doden.[226]

Nieuwsprogramma's op de Russische staatstelevisie lieten per uitzondering beelden zien van de aanslag en beweerden daarbij dat de Oekraïners hun eigen gebouwen opbliezen om Rusland hiervan de schuld te kunnen geven. Volgens een Russische nieuwspresentator 'schiet Russische artillerie nooit op woonwijken, waar Oekraïners hun kanonnen juist daar neerzetten, bij voorkeur op speelplaatsen bij scholen'.[227] Op 1 maart 2022 was er een raketaanval op het Vrijheidsplein in het centrum van Charkov, met als mogelijk doelwit het regionale overheidsgebouw aan de rand van het plein.[228] Er landden Russische parachutisten in Charkov, die een militaire medische kliniek aanvielen. De strijd werd door een Oekraïense presidentiële adviseur beschreven als 'het Stalingrad van de 21e eeuw'.[229]

Op 1 maart kondigde Denis Poesjilin, het hoofd van de volksrepubliek Donetsk, aan dat zijn troepen de stad Volnovacha, in de oblast Donetsk 70 km ten noorden van Marioepol, bijna volledig hadden omsingeld en dat ze spoedig hetzelfde zouden doen met Marioepol.[230]

Op 2 maart werden Russische troepen verdreven uit Sjevjerodonetsk, de de-factohoofdstad van de oblast Loehansk.[231] Eveneens op 2 maart begonnen Oekraïense troepen een tegenoffensief op Horlivka, dat sinds 2014 voornamelijk door volksrepubliek Donetsk werd gecontroleerd. Op 17 maart werd Izjoem in oblast Charkov veroverd door Russische troepen,[232] hoewel de gevechten voortduurden.[233] Op 20 maart meldde het Russische ministerie van Defensie dat er aanvallen met hypersonische raketten waren uitgevoerd door Rusland, deze keer op een brandstofopslagplaats in Kostjantynivka.[234]

Op 25 maart verklaarde het Russische ministerie van Defensie dat Rusland klaar was om de tweede fase van de militaire operatie in te gaan bij het bezetten van grote Oekraïense steden in Oost-Oekraïne. Op 31 maart, de dag waarop de vredesbesprekingen tussen Oekraïne en Rusland in Istanbul zouden worden hervat, meldde PBS News dat Charkov opnieuw onder vuur lag. Ook bevestigde het Oekraïense leger dat Izjoem onder Russische controle stond.

In de ochtend van 1 april ontstond er brand in een olieopslagplaats in de Russische stad Belgorod, op ca. 35 km van de Oekraïense grens. Volgens Rusland was de brand veroorzaakt door een Oekraïense luchtaanval, maar de Oekraïense defensiesecretaris Danilov ontkende dat.[235] Op 7 april bracht de hernieuwde opeenhoping van Russische invasietroepen en tankdivisies rond de oostelijke steden Izjoem, Slovjansk en Kramatorsk Oekraïense regeringsfunctionarissen ertoe om de overgebleven inwoners van de oblasten Donetsk en Loehansk en van het oostelijke deel van oblast Charkov te adviseren hun steden en dorpen te verlaten en naar het westen van Oekraïne te vluchten.[236]

Op 8 april meldden Britse militaire inlichtingendiensten dat het Russische leger zich volledig had teruggetrokken uit het noorden van Oekraïne. Verwacht werd dat de Russen zich zouden hergroeperen in de Donbas, en dat daar een nieuwe hevige strijd zou volgen. Veel van de soldaten zouden naar Wit-Rusland en Rusland zijn gegaan.[173] Op satellietbeelden die door het Amerikaanse technologiebedrijf Maxar waren gemaakt in de buurt van Velyky Boerloek was een kilometerslang konvooi te zien, dat onderweg leek naar de Donbas.[237]

Op 13 maart voerden Russische troepen meerdere kruisraketaanvallen uit op een militaire trainingsfaciliteit in Javoriv, in de oblast Lviv, dicht bij de Poolse grens. Lokale gouverneur Maksym Kozytsky meldde dat er bij de aanslagen minstens 35 doden waren gevallen. Op 18 maart breidden de Russen de aanval uit naar Lviv. Oekraïense militaire functionarissen meldden dat de Russische kruisraketten met deze stad als doelwit hoogstwaarschijnlijk door gevechtsvliegtuigen boven de Zwarte Zee waren afgevuurd.[238] Op 26 maart belandden er vijf raketten in de stad Lviv, waarbij onder meer een brandstofopslagplaats werd geraakt. Voor zover bekend vielen er vijf gewonden. Het was voor het eerst sinds het begin van de oorlog dat er binnen de stadsgrenzen van Lviv raketten insloegen. De stad gold sinds het begin van de oorlog als relatief veilig.[239] Op 18 april vielen bij een nieuwe Russische raketaanval op Lviv minstens zeven doden, volgens gouverneur Maksym Kozytsky.[240] Volgens Rusland was de aanval gericht op een wapenopslagplaats, wat van Oekraïense zijde werd ontkend.[241]

Op 19 maart meldde het Russische ministerie van Defensie dat Rusland hypersonische Kh-47M2 Kinzhal-raketten had ingezet tegen militaire doelwitten in de westelijke regio Ivano-Frankivsk.[242] De Nederlandse defensie-expert Patrick Bolder twijfelde aan de waarheid van dit bericht.[243] Op 16 mei zeiden Amerikaanse defensiefunctionarissen dat de Russen de afgelopen 24 uur langeafstandsraketten hadden afgevuurd op een militaire trainingsfaciliteit in de buurt van Lviv.[244]

Eind maart leek Rusland zijn doelen bij te stellen. Het aanvankelijke doel om Kiev te veroveren en de regering-Zelensky af te zetten en te vervangen door een pro-Russisch regime, leek voorlopig door Rusland te zijn opgegeven. Het feit dat de Oekraïners veel meer weerstand boden dan verwacht, speelde vermoedelijk een belangrijke rol bij deze beslissing.[245] Op 8 april kondigde het Russische ministerie aan dat al zijn troepen en divisies die in het zuidoosten van Oekraïne waren ingezet, zich zouden verenigen onder het bevel en de controle van generaal Aleksandr Dvornikov, die de leiding had gekregen over gecombineerde militaire operaties, inclusief de herschikte proeffronten die oorspronkelijk waren toegewezen aan het noordelijke en het noordoostelijke front, die vervolgens werden ingetrokken en opnieuw toegewezen aan het zuidoostelijke front. Op 17 april leek de voortgang aan het zuidoostelijke front te worden belemmerd door troepen die standhielden in verlaten fabrieken in Marioepol en weigerden zich over te geven aan ultimatums van omringende Russische troepen.[246] Op 19 april bevestigde The New York Times dat Rusland een hernieuwd invasiefront had gelanceerd dat een 'oostelijke aanval' werd genoemd over een front van 480 km dat zich uitstrekte van Charkov tot Donetsk en Loehansk, met gelijktijdige raketaanvallen die opnieuw gericht waren op Kiev in het noorden en Lviv in West-Oekraïne.[247] Op 30 april beschreef een NAVO-functionaris de Russische opmars als 'oneven' en 'klein'. Een anonieme Amerikaanse defensiefunctionaris noemde het Russische offensief: 'zeer lauw', 'minimaal op zijn best' en 'bloedarm'.[248]

Het Russische leger had al zijn nog beschikbare gevechtsreserves ingezet op de verovering van Sjevjerodonetsk en de Donbas. Hiervoor werden de Russische eenheden aan andere fronten zoveel mogelijk uitgedund. Dit gaf het Oekraïens leger kansen om op de andere fronten een tegenoffensief in te zetten. Het Oekraïense leger besloot om de Russische aanval niet te spiegelen met een maximale inzet in de Donbas en om Sjevjerodonetsk niet tot het uiterste te verdedigen, maar juist langzaam terug te trekken. Daarbij moest de Russische aanvallers maximale schade worden toegebracht.

Van veel grotere strategische waarde waren de stad Cherson en de omliggende streek. Als de Russen succesvol hun positie wisten te behouden, zouden ze een goede uitvalsbasis hebben om later Odessa en Zuid-Oekraïne te veroveren. Lukte het de Oekraïners daarentegen om Cherson te heroveren en de Russen terug te drijven tot achter de Dnjepr rivier, dan had Oekraïne een sterke verdedigingslinie en een uitvalsbasis voor een offensief richting de Krim en de landsverbinding Krim - Donbas.[249] Het feit dat de Russische strijdkrachten zich nu concentreerden in de Donbas, gaf Oekraïne meer kans om substantiële terreinwinsten te boeken op het Cherson-front.[250]

Op 5 mei meldde de Oekraïense legerchef dat in de regio's rond Charkov en Izjoem overgeschakeld zou worden van een defensieve naar een offensieve strategie.[251] Volgens Kyrylo Boedanov, het hoofd van de Oekraïense inlichtingendiensten, zou Rusland tegen het eind van 2022 verslagen zijn. Het omslagpunt zou volgens hem eind augustus zijn.[252]

Op 26 mei 2022 meldde het Conflict Intelligence Team, daarbij verwijzend naar Russische soldaten, dat kolonel-generaal Gennadi Zhidko de leiding had gekregen over de Russische strijdkrachten, ter vervanging van legergeneraal Dvornikov.[130][253] In juni 2022 onthulde de hoofdwoordvoerder van het Russische Ministerie van Defensie, Igor Konasjenkov, dat de Russische troepen waren verdeeld over de legergroepen 'Centrum' onder bevel van kolonel-generaal Aleksander Lapin en 'Zuid' onder bevel van legergeneraal Sergey Soerovikin.[254] Op 20 juli meldde The New York Times dat Lavrov had aangekondigd dat Rusland zou reageren op de toegenomen militaire hulp die Oekraïne uit het buitenland ontving als rechtvaardiging voor de uitbreiding van het front met militaire doelen in zowel de oblasten Zaporizja en Cherson.[32]

Op 6 april riep de Oekraïense regering de bevolking van Oost-Oekraïne op om het gebied zo snel mogelijk te verlaten. Er werden voor hen een aantal treinen ter beschikking gesteld.[255] Op 8 april meldden de Oekraïense autoriteiten dat het treinstation in Kramatorsk, in de oblast Donetsk, was getroffen door twee Russische Tochka-U-raketten (zie #Aanval op treinstation Kramatorsk). Op 11 april kondigde Zelensky aan dat Oekraïne een groot nieuw Russisch offensief verwachtte in het oosten.[256] Militaire satellieten registreerden uitgebreide Russische konvooien van infanterie en gemechaniseerde eenheden terwijl deze van Charkov zuidwaarts naar Izjoem reden voor de geplande Russische herschikking van zijn noordoostelijke troepen naar het zuidoostelijke front van de invasie.[257]

Op 13 april werd er melding gemaakt van een mogelijke sabotage van een spoorbrug in de buurt van het Russische Belgorod.[258] De Oekraïense legerleiding beweerde op 14 april een brug te hebben opgeblazen in Charkov, waardoor een complete Russische legercolonne die op weg was naar Izjoem in een hinderlaag liep en werd geneutraliseerd.[259]

Op 18 april, toen Marioepol bijna volledig door Russische troepen was ingenomen, kondigde de Oekraïense regering aan dat de tweede fase van de versterkte invasie van de regio's Donetsk, Loehansk en Charkov was geïntensiveerd met uitgebreide invasietroepen door de Russen om de Donbas verder te bezetten inclusief andere grote steden. Op 5 mei verklaarde David Axe in Forbes dat het Oekraïense leger luchtaanvalbrigades rond Izjoem had geconcentreerd voor mogelijke achterhoedegevechten tegen de ingezette Russische troepen in het gebied; Axe voegde eraan toe dat de andere grote concentratie van de Oekraïense troepen rond Charkov Gemechaniseerde Brigades omvatte, die op dezelfde manier konden worden ingezet voor achterhoedegevechten tegen Russische troepen rond Charkov of die zouden kunnen aansluiten bij Oekraïense troepen die gelijktijdig rond Izjoem werden ingezet.

Tegen eind april werden veel voorsteden ten oosten en ten noorden van de stad Charkov bevrijd, wat de artilleriedruk op de stad verminderde.[260][261] Op 2 mei heroverden de Oekraïense strijdkrachten het dorp Stary Saltiv, 40 kilometer ten oosten van Charkov. Het dorp ligt aan een stuwmeer dat bescherming bood voor aanvallen vanuit het oosten.[262][263] Zelensky verklaarde op 11 mei 2022 dat de Russische troepen rond Charkov geleidelijk waren verdreven tot 10 km voor de Russische grens. In de buurt van Charkov werd een massagraf met Russische soldaten gevonden.[264][265] Op 14 mei meldde de Amerikaanse denktank Institute for the Study of War (ISW) dat het Russische leger zich waarschijnlijk volledig had teruggetrokken uit zijn posities rond Charkov, als gevolg van het Oekraïense tegenoffensief en de beperkte beschikbaarheid van versterkingen. Volgens getuigen voerden de Russen nog wel luchtaanvallen uit op dorpen in de omgeving van de stad.[266]

De Russen werden door het Oekraïense tegenoffensief gedwongen om legereenheden over de grens in Rusland, bij Belgorod, in reserve te houden. Deze legereenheden konden daardoor niet ingezet worden op andere fronten. Tevens werd een belangrijke Russische aanvoerlijn, de internationale spoorlijn Belgorod (RU)- Koepjansk (UA), bedreigd bij Vovtsjansk, oblast Charkov. Meer naar het zuiden, bij Roebizjne, veroverde het Russische leger langzaam gebied in westwaartse richting door middel van uitputtingsoorlogsvoering. Hierbij werden steden en dorpen zwaar gebombardeerd door artillerie totdat er niets meer van over was en de Oekraïense troepen zich terugtrokken. Daarna werd de volgende Oekraïense defensieve stelling aangevallen. Deze Russische tactiek vergde enorm veel munitie en leidde tot grote verliezen in mankracht en materieel. Tegelijkertijd voerde het Russische leger aanvallen uit vanuit Izjoem in zuidelijke richting, met als doel het Oekraïense leger te omsingelen. Dit offensief had minder succes, daar de Russen er niet in slaagden om met noemenswaardige aantallen de Severski Donets over te steken, ondanks meerdere pogingen met pontons die door Russische troepen voor dit doel waren gebouwd.[267] Op 13 mei meldde de BBC dat Russische troepen in Charkov werden teruggetrokken en naar andere fronten in Oekraïne werden herschikt na de opmars van Oekraïense troepen naar omliggende steden en Charkov zelf, waaronder de vernietiging van strategische pontonbruggen.[268] Half mei berichtte ISW dat het Oekraïense leger de Russen nu volledig had verdreven uit Charkov en omstreken.[269]

In de buurt van Izjoem had het Russische leger op 4 juni tot twintig tactische bataljoneenheden verzameld voor de aanval op de stad Slovjansk.[270] Het Russische leger probeerde de T1302-weg tussen Bachmoet/aansluiting snelweg E40 en Lysytsjansk te blokkeren. Bij Bilohorivka was het front zeer dichtbij en beschoten de Russen de voorrijdende voertuigen. Indien deze verbinding wegviel, bleef alleen een kleine weg naar het Oekraïense achterland over via Siversk.[271]

Rond 7 juni intensiveerden de Russische aanvallen op Charkov toch weer, met doden en gewonden tot gevolg.[272] In de nacht van 16 juni werd bij een raketaanval een levensmiddelenfabriek in Charkov vernietigd.[273] Op 21 juni meldde Oleh Synjehoebov, gouverneur van de oblast Charkov, dat er bij een Russische aanval zeker 15 burgerdoden waren gevallen in de steden Charkov, Tsjoehoejiv en Zolochiv.[274]

Na de inname van de Azovstalfabriek door de Russen en de val van Marioepol aan het zuidelijk front, nam het offensief in de Donbas toe, waarbij de de-factohoofdstad van de oblast Loehansk, Sjevjerodonetsk, onder intens artillerievuur lag. Op 21 mei meldde de gouverneur van Loehansk, Serhij Hajdaj, via Telegram dat de Russen Sjevjerodonetsk dag en nacht bombardeerden en probeerden de stad te omsingelen. Oekraïense troepen zouden elf aanvallen hebben afgeslagen en daarbij acht tanks hebben vernietigd. Daarnaast was ook Lysytsjansk een doelwit, de twee steden liggen aan weerszijden van de Severski Donets in het deel van oblast Loehansk dat voor de oorlog nog niet onder controle stond van pro-Russische separatisten. Volgens Zelensky werd ook in Slovjansk hevig gevochten en hield het Oekraïense leger stand.[275] Op 23 mei vielen Russische troepen Lyman binnen en na een paar dagen was de stad volledig ingenomen. Oekraïense troepen trokken zich terug uit Sviatohirsk en op 24 mei veroverden Russische troepen de stad Svitlodarsk. Op 30 mei meldde Reuters dat Russische troepen de buitenwijken van de stad Sjevjerodonetsk waren binnengedrongen.[276] Het Oekraïense leger zette een tegenoffensief in en heroverde delen van de stad van het Russische leger tot ze op 4 juni 2022 weer 50% (was 70%) van de stad in handen hadden. Volgens Hajdaj zette Rusland alle beschikbare reserves in om de stad te veroveren.

Op 12 juni meldde de BBC dat 800 Oekraïense burgers en 300-400 soldaten werden belegerd in de chemische fabriek Azot in Sjevjerodonetsk, met slinkende wapenvoorraden, onderhandelend over een veilig vertrek uit de stad.[277] Tijdens de falende Oekraïense verdediging van Sjevjerodonetsk, begonnen Russische invasietroepen hun aanval op de naburige stad Lysytsjansk te intensiveren als hun volgende doelstad in de invasie. Op 20 juni werd gemeld dat Russische troepen hun greep op Sjevjerodonetsk bleven versterken door omliggende dorpen en gehuchten rond de stad te veroveren, meest recentelijk het dorp Metelkine.[278] Op 21 juni 2022 trokken de Russische troepen het industriegebied, het laatste deel van de stad dat nog in handen was van Oekraïne, binnen. De drie bruggen over de rivier werden vernietigd, waardoor de bevoorrading werd gehinderd. Er zouden zich nog driehonderd burgers schuilhouden in de bunkers van de chemische fabriek.[279] De Russen trokken op vanuit het zuidoosten langs de westkant van de Severski Donets om Lysytsjansk aan te vallen.[280] Op 24 juni meldde CNN dat, te midden van de aanhoudende tactiek van de verschroeide aarde die werd toegepast door oprukkende Russische troepen, de Oekraïense strijdkrachten het bevel kregen de stad te evacueren; ze zouden honderden burgers achterlaten die hun toevlucht zochten in de chemische fabriek van Azot in Sjevjerodonetsk, een situatie die werd vergeleken met de burgervluchtelingen die in mei in de staalfabriek van Azovstal in Marioepol waren achtergelaten.[281] De stad was nu volledig in handen van de Russen.[282] Sjevjerodonetsk werd geen tweede Marioepol met omsingelde Oekraïense verdedigers. Strategisch gezien was Sjevjerodonetsk niet zo belangrijk als Marioepol. Van de stad zelf bleef nauwelijks iets over, maar ze had wel een grote symbolische waarde voor beide partijen.

Op 2 juli 2022 werden de laatste Oekraïense troepen teruggetrokken uit Lysytsjansk, onder de dreiging van een complete omsingeling.[283]

Vanuit nationalistische militaire Russische experten kwam er kritiek op de militaire strategie in de Donbas. De voormalige Russische militaire bevelhebber Igor Girkin, een vurige nationalist die in 2014 milities in de Donbas leidde, stelde dat de Oekraïense verdediging van Lysytsjansk ingericht was om maximale schade aan de Russische troepen te veroorzaken in termen van materieel en manschappen. Hierdoor betaalden de Russen een te hoge prijs voor een minimale terreinwinst.[284]

De raketaanvallen en bombardementen op de belangrijkste steden Mykolajiv en Odessa gingen door terwijl de tweede fase van de invasie begon. Op 22 april gaf de Russische brigadegeneraal Rustam Minnekayev, sprekend tijdens een bijeenkomst van het ministerie van Defensie, aan dat Rusland van plan was het Mykolajiv-Odessa-front na het beleg van Marioepol verder naar het westen in Oekraïne uit te breiden om de afgescheiden regio Transnistrië aan de grens van Oekraïne met Moldavië op te nemen. Het Ministerie van Defensie van Oekraïne reageerde op deze aankondiging door de bedoelingen van Rusland te beschrijven als imperialisme en te zeggen dat het in tegenspraak was met eerdere Russische beweringen dat Rusland geen territoriale ambities had ten opzichte van Oekraïne en dat Rusland had toegegeven dat 'het doel van de 'tweede fase' van de oorlog is geen overwinning op de mythische nazi's, maar gewoon de bezetting van Oost- en Zuid-Oekraïne'. Georgi Gotev, schreef op 22 april voor Reuters, dat de uitbreiding van het Russische strijdfront en de bezetting van Oekraïne van Odessa tot Transnistrië Oekraïne zou veranderen in een geheel door land omgeven natie zonder enige praktische toegang tot de Zwarte Zee.[285]

Op 23 april vielen volgens berichten van Oekraïense zijde bij een Russische raketaanval op Odessa – waarbij een woonwijk in Tajirove werd getroffen – zeker acht doden. De Oekraïense luchtafweer zou tijdens de aanval twee raketten en twee verkenningsdrones van Rusland hebben onderschept.[286][287][288] Op 27 april gaven Oekraïense bronnen aan dat explosies twee Russische zendmasten in Transnistrië hadden vernietigd, die voornamelijk werden gebruikt om Russische televisieprogramma's opnieuw uit te zenden. Eind april hernieuwde Rusland raketaanvallen op start- en landingsbanen in Odessa, waarbij enkele ervan werden vernietigd, in een verdere poging om de transportinfrastructuur van Oekraïne te verzwakken. Op 2 mei berichtten plaatselijke autoriteiten dat er bij een nieuwe raketaanval op Odessa een 15-jarige jongen was omgekomen.[289] Op 10 mei werd de stad nogmaals doelwit van raketaanvallen, waarbij volgens het Oekraïense leger ook hypersonische raketten werden gebruikt. Voorzitter van de Europese Raad, Charles Michel, die in de stad aanwezig was voor onder meer een ontmoeting met de Oekraïense premier, Denys Sjmyhal, moest voor een aanval schuilen.[290] In de week van 10 mei begonnen Oekraïense troepen militaire actie te ondernemen om Russische troepen te verdrijven die zich op Slangeneiland in de Zwarte Zee op ongeveer 200 km van Odessa hadden geïnstalleerd.[291] Op 30 juni kondigde Rusland aan dat het zijn troepen van het eiland had teruggetrokken nadat de doelstellingen waren voltooid.[292] Oekraïne zou zodoende graan en andere goederen kunnen gaan exporteren. Het Oekraïense leger verklaarde dat ze Slangeneiland hadden heroverd en dat de Russische bestoking met fosforbommen van het net heroverde eiland bewees dat de verklaringen van Rusland niet klopten.[293]

Op 28 mei lukte het de Oekraïense troepen om de rivier Inhoelets, iets ten zuiden van het dorp Davydiv Brid, over te steken. Dit bemoeilijkte voor de Russen het gebruik van de rivier als een defensieve barrière. Op 4 juni was de verkeersweg T2207 ten zuiden van Davydiv Brid in handen van het Oekraïens leger, wat de bevoorrading van het front langs de rivier voor de Russen flink bemoeilijkte.[294] Rond 21 juni werd het gebied ten oosten van de rivier vermoedelijk heroverd door de Russen.[295]

De Oekraïense strijdkrachten veroverden omstreeks 22 juni Kiselivka, een plaats op 15 kilometer van het centrum van de stad Cherson. Dit bemoeilijkte de Russische verdediging van de stad.[296] Later moesten de Oekraïense strijdkrachten zich terugtrekken uit Kiselivka, maar ze veroverden wel het naastgelegen Barvinok.[294] Eind juni en begin juli boekten de Oekraïense strijdkrachten kleine terreinwinsten rond Cherson en dwongen de Russen in de verdediging.[297]

Russische troepen bleven aan het begin van de tweede fase van de invasie raketten afvuren en bommen droppen op de belangrijkste steden Dnipro en Zaporizja. Op 10 april vernietigden Russische raketten de internationale luchthaven van Dnipro.[298] Op 2 mei werden naar verluidt ongeveer 100 overlevenden van het beleg bij Marioepol door de VN, met medewerking van Russische troepen, geëvacueerd naar het dorp Bezimenne bij Donetsk, vanwaar ze naar Zaporizja zouden worden overgebracht.[299]

Op 13 april intensiveerden Russische troepen hun aanval op de verlaten staalfabriek in de ijzer- en staalfabriek Azovstal in Marioepol en de Oekraïense strijdkrachten die daar achterbleven. Op 17 april hadden Russische troepen de fabriek omsingeld. De Oekraïense premier Denys Sjmyhal zei dat de Oekraïense soldaten hadden gezworen het vernieuwde ultimatum van overgave te negeren en tot de laatste ziel te vechten. Op 20 april zei Poetin dat het beleg van Marioepol als tactisch voltooid kon worden beschouwd, met ongeveer 500 Oekraïense troepen verschanst in bunkers in de Azovstal fabriek en naar schatting 1.000 Oekraïense burgers volledig afgesloten van elke vorm van hulpverlening tijdens hun belegering.[300]

Na een ontmoeting met Poetin en Zelensky op opeenvolgende dagen, zei VN-secretaris Guterres op 28 april dat hij zou proberen een noodevacuatie te organiseren van de overlevenden die verschanst waren in Azovstal, in overeenstemming met de garanties die hij van Poetin had gekregen tijdens zijn bezoek aan het Kremlin. Op 30 april lieten Russische troepen burgers onder VN-bescherming vertrekken. Op 3 mei hervatten Russische troepen, nadat ze ongeveer 100 Oekraïense burgers hadden laten vertrekken uit de Azovstal fabriek, een non-stop bombardement op de staalfabriek, waarbij naar schatting enkele honderden burgers nog steeds de vijf bunkers bezetten die gebouwd waren om een nucleaire aanval te weerstaan. Op 6 mei meldde The Telegraph dat Rusland thermobarische bommen had gebruikt tegen de overgebleven Oekraïense soldaten, die het contact met de Kiev-regering hadden verloren; in zijn laatste communicatie had Zelensky de commandant van de belegerde staalfabriek toestemming gegeven om zich zo nodig over te geven onder druk van de toegenomen Russische aanvallen. Op 7 mei meldde Associated Press dat alle burgers aan het einde van het driedaagse staakt-het-vuren uit de ijzerfabriek van Azovstal waren geëvacueerd.[301]

Nadat de laatste burgers uit de Azovstal-bunkers waren geëvacueerd, bleven daar bijna tweeduizend Oekraïense soldaten gebarricadeerd, met 700 gewonden; ze konden een pleidooi houden voor een militaire corridor om troepen te evacueren, omdat ze een standrechtelijke executie door Russische troepen verwachtten als ze zich overgaven.

Ukrainskaya Pravda berichtte op 8 mei over onenigheid binnen de Oekraïense troepen bij Azovstal. Er waren aanwijzingen dat de commandant van de Oekraïense mariniers die was aangesteld om de bunkers van Azovstal te verdedigen, op ongeoorloofde wijze tanks, munitie en personeel had verworven om uit de diepgewortelde positie daar te ontsnappen en de stad te ontvluchten. De overgebleven soldaten spraken van een verzwakking van hun defensieve positie in Azovstal als gevolg, waardoor voortgang naar oprukkende Russische aanvalslinies mogelijk werd. Bloomberg News meldde op 8 mei de benarde situatie van overlevende Oekraïense troepen bij Azovstal als een horloge van 'dode mannen' met Ilia Somolienko, plaatsvervangend commandant van de resterende Oekraïense troepen gebarricadeerd in Azovstal, communicerend: 'We zijn hier eigenlijk dode mannen. De meesten van ons weten dit en daarom vechten we zo onbevreesd.'[302]

Op 16 mei kondigde de Oekraïense generale staf aan dat het Marioepol-garnizoen 'zijn gevechtsmissie had vervuld' en dat de laatste evacuaties uit de staalfabriek van Azovstal waren begonnen. Het leger zei dat 264 militairen werden geëvacueerd naar Olenivka onder Russische controle, terwijl 53 van hen die 'ernstig gewond' waren naar een ziekenhuis in Novoazovsk werden gebracht dat ook onder Russische troepen staat. Na de evacuatie van Oekraïens personeel uit Azovstal, controleerden Russische en DPR-troepen alle gebieden van Marioepol volledig. Het einde van de strijd maakte ook een einde aan het beleg van Marioepol. De Russische perssecretaris Dmitry Peskov zei dat president Poetin had gegarandeerd dat de strijders die zich overgaven zouden worden behandeld 'in overeenstemming met de internationale normen', terwijl de president Zelensky in een toespraak zei dat 'het werk om de jongens naar huis te brengen doorgaat, en dit werk heeft delicatesse nodig — en tijd'. Enkele prominente Russische wetgevers riepen de regering op om de uitwisseling van gevangenen voor leden van het Azov-regiment te weigeren.[303]

Het Oekraïense tegenoffensief begon op 11 juli 2022 en had als doel het door Rusland bezette gebied in Zuid-Oekraïne te heroveren. Vanaf begin juli voerde het Oekraïense leger steeds meer tegenaanvallen uit in de grotendeels door Rusland bezette oblasten Zaporizja en Cherson. De Russen gebruikten de inwoners van Melitopol als menselijk schild, door het ze onmogelijk te maken hun stad te verlaten.[304] Op 12 juli beweerden Oekraïense autoriteiten een wapenopslagplaats in Nova Kachovka, oblast Cherson te hebben vernietigd, waarbij 52 Russen zouden zijn omgekomen.[305]

Vanaf 19 juli 2022 werd de strategische Antonivka-wegbrug over de Dnjepr aangevallen met Amerikaanse HIMARS-raketartillerie. De brug raakte hierdoor zwaar beschadigd en deels onbruikbaar.[306] Tegen 23 juli waren alle drie de bruggen over de rivier beschadigd.[307][308] In de nacht van 26/27 juli werd de Antonivka-wegbrug voor de derde keer aangevallen en raakte onbruikbaar voor alle verkeer.[309] Op 27 juli werd ook de spoorbrug onbruikbaar.[310] Ook de belangrijkste brug (E58) over de Inhoelets bij Darivka werd op 23 juli onbegaanbaar,[311] waardoor de Russen genoodzaakt waren een pontonbrug aan te leggen.[312][313] De bezette gebieden ten westen en oosten van de Inhoelets dreigden van elkaar geïsoleerd te raken. De bevoorrading (vooral munitie) was al problematisch geworden doordat grote Russische munitiedepots waren opgeblazen met precisieraketten.[314] Het aanvallen van bevoorradingsposities en -routes en het uitschakelen van strategische doelen achter de frontlinie, is een militaire strategie tegen een overmacht die ook succesvol werd gebruikt bij de Russische opmars naar Kiev.[315] Oekraïne verwachtte tegen september 2022 de stad en omgeving van Cherson helemaal heroverd te hebben.[316]

Rusland verplaatste veel troepen en materieel van de Donbas naar het zuidelijk bezette gebied om het dreigende Oekraïense tegenoffensief tegen te houden.[317] Het Oekraïense tegenoffensief maakte gestaag terreinwinst aan het front.[318] De gedeeltelijke terugtrekking van de Russische troepen in het oosten, gaf dan weer kansen aan lokale Oekraïense tegenoffensieven.[319] De families van de Russische bezetters vluchten de stad Cherson, omdat deze te onveilig werd.[320]

De Verenigde Staten pasten hun wapenleveringen aan om het tegenoffensief te steunen. Zo werden er voertuigen geleverd die gebieden konden ontmijnen en werden er antiradar-raketten geleverd die luchtafweer en gerichte tegenartillerie konden uitschakelen.[321] Tevens werden Oekraïense troepen in het buitenland (vooral in het VK) opgeleid in offensieve tactieken.

Op 29 augustus 2022 begon het Oekraïense leger een groot tegenoffensief met een brede aanval op vrijwel de hele Russische frontlinie in het zuiden, ten westen van de Dnjepr.[322] De Russen hadden voldoende militaire uitrusting (voornamelijk artillerie), maar onvoldoende mankracht om tegelijkertijd alle fronten te bemannen.[323] Volgens westerse analisten waren er ongeveer twintigduizend Russische troepen in het gebied aanwezig. Tevens was de bevoorradingsroute van de Russen grotendeels afgesneden door de zwaar beschadigde bruggen over de Dnjepr. Volgens Oleksi Arestovytsj, een adviseur van de Oekraïense president, was het hoofddoel van het offensief niet om terreinwinst te halen, maar de Russische strijdkrachten aan de frontlinie te verzwakken en tegelijkertijd de Russische logistiek te ontregelen door commandoposten achter het front aan te vallen met artillerie en Himar-raketten.[324][325]

Op 9 augustus 2022 waren er meerdere grote explosies op de luchtmachtbasis Saki bij Novofedorivkain, aan de westkust van de Krim, meer dan 200 km van het front. Van Oekraïense zijde werd betrokkenheid tijdens de daaropvolgende maand officieel noch bevestigd noch ontkend, hoewel niet-officiële bronnen aanwijzingen aangaven dat Oekraïne wel degelijk betrokken was. De luchtmachtbasis leek te ver afgelegen om getroffen te worden door Himar-raketten. De Russische media hielden het echter op een ongeluk bij de explosievenopslag.[326][327] Op 8 september 2022 verkondigde de Oekraïense opperbevelhebber dat de aanvallen op de Krim door de Oekraïeners met raketten uitgevoerd waren.[328]

Op 16 augustus waren er explosies in de Krim bij een munitiedepot in Maiske en het vliegveld van Gvardeyskoe. Tevens was er vuur bij een elektrisch onderstation twaalf mijl van het getroffen munitiedepot. Deze incidenten vonden plaats in de buurt van Dzhankoy, een strategisch knooppunt voor alle spoorlijnen in de Krim. Een strategische spoorbrug ten zuiden van Melitopol was door partizanen opgeblazen.[329][330]

Op 18 augustus werden er ten minste vier explosies waargenomen bij de internationale luchthaven van Sevastopol bij Belbek. Bij Kertsj, de belangrijke verbindingsbrug tussen de Krim en Rusland, werd het luchtafweersysteem geactiveerd.[331]

De aanvallen op de Krim zorgden voor een deuk in het Russische zelfvertrouwen en Russische toeristen ontvluchtten het eerder veilig gewaande schiereiland. De verovering van de Krim was een van Poetins grootste verdiensten.[332]

Het Oekraïense leger voerde begin september een verrassingsaanval uit ten zuidoosten van Charkov in het noordoosten van Oekraïne, waar de Russische troepen in de weken daarvoor in het kader van een hergroepering uitgedund waren. Als eerste omsingelden de Oekraïense troepen de door de Russen bezette stad Balaklija [333][334][335] en op 8 september werd de stad bevrijd.[336] Het oorspronkelijke doel van het Oekraïense offensief zou Koepjansk zijn geweest, een strategisch belangrijk Russisch bevoorradingsknooppunt. Op 8 september verklaarde president Zelensky in een videoboodschap dat er vanaf 1 september 1.000 km² land en twintig dorpen waren bevrijd. President Poetin bleef volhouden dat alles volgens Russisch plan verliep en dat Rusland "niets had verloren en ook niets zou verliezen".[337]

Oekraïense tanks rukten in hoog tempo op in het noordoosten. Russische eenheden vluchtten en de noordelijk gelegen steden Izjoem en Koepjansk werden heroverd. Het Russische leger trok zich grotendeels terug tot de oostkant van de Oskol rivier. Moerassen en een lang stuwmeer vormden een natuurlijke barrière. Lawrence Freedman, een Britse oorlogsexpert, noemde het Oekraïense succes een ontwikkeling van 'historisch belang'. Volgens hem werd de Oekraïense verrassingsaanval in het noorden pas ingezet toen de Oekraïense legertop zag dat Rusland zijn troepen verplaatste naar het zuiden, waar het Oekraïense tegenoffensief in Zuid-Oekraïne in de regio Cherson plaatsvond.[338]

Op 10 september heroverde het Oekraïense leger Bilohorivka, gelegen in de oblast Loehansk. Hiermee stond deze oblast niet meer onder volledige Russische controle.[339]

Op 11 september hadden de Oekraïners een bres van 70 km in oostelijke richting geslagen en in vijf dagen tijd 3.000 km² land teruggewonnen.[340] Dit was meer dan de Russische troepen van april tot september 2022 van de Oekraïeners veroverd hadden. Rond de stad Charkov trokken de Russen zich terug tot de internationale grens. Ze waren alleen nog aanwezig ten oosten van de Oskolrivier, waar gepoogd werd een nieuwe verdedigingslijn op te bouwen.[341] Maar ook verder oostwaarts in Svatove, in de oblast Loehansk, vluchtte het Russische leger en liet de lokale militia alleen achter.[342]

Op 9 september 2022 werd de Russische luitenant-generaal Andrei Sytsjevoi gevangengenomen door Oekraïense soldaten. Het was de hoogste Russische officier die sinds de Tweede Wereldoorlog gevangen werd genomen.[343]

Bij de chaotische terugtrekking verloren de Russen veel militair materieel en munitie. Een groot deel ervan kon hergebruikt worden door het Oekraïense leger.[344][345]

Op 21 september werd door Poetin een gedeeltelijke mobilisatie aangekondigd van 300.000 Russische reservisten.[346] Na deze aankondiging waren de meest gegoogelde zoekopdrachten in Rusland, "vliegtickets" en "hoe kun je je eigen arm breken". Er verschenen berichten dat ook mensen zonder militaire opleiding, zoals opgepakte demonstranten, gedwongen werden gerekruteerd door het Russische leger.[347]

Westerse militaire experts twijfelenden aan de effectiviteit van deze gedeeltelijke mobilisatie. Het zou maanden duren om de ongemotiveerde rekruten effectief te integreren in de bestaande legereenheden. Er was tevens een gebrek aan uitrusting en militair materiaal (tanks, artillerie etc.).[348]

Op 23 september hield Rusland illegale 'referenda' in de bezette gebieden van Oekraïne voor Russische annexatie van de Oekraïense oblasten Cherson, Zaporizja, Donetsk en Loehansk. Tijdens deze vijfdaagse 'volksraadpleging' werd de bevolking d.m.v. o.a. dwang, omkoperij, en chantage gedwongen om een niet anonieme stem vóór de Russische annexatie uit te brengen. De stembusgang was onwettig, oneerlijk en onvrij en werd buiten Rusland niet erkend en werd als een juridische dekmantel beschouwd om de bezette gebieden tot Russisch grondgebied te verklaren. Ter bescherming van dit zogenaamde Russische grondgebied konden dan volgens de Russische wet alle militaire middelen worden ingezet om het land te 'verdedigen'.[349]

Russische troepen vielen op 24 februari[350] de luchtmachtbasis Tsjoehoejiv aan, waar Bayraktar TB2-drones waren gehuisvest. De aanval veroorzaakte schade aan opslagplaatsen en infrastructuur voor brandstof.[351] Op 25 februari vielen Oekraïense strijdkrachten de vliegbasis Millerovo aan met OTR-21 Tochka-raketten. Volgens Oekraïense functionarissen werden hierdoor meerdere vliegtuigen van de Russische luchtmacht vernietigd en zou ook de vliegbasis in brand zijn gestoken.[352][353]

Op 27 februari werd bekend dat Rusland 9K720 Iskander-raketsystemen had gebruikt vanuit Wit-Rusland om de civiele luchthaven van Zjytomyr aan te vallen.[354][355] Rusland verloor op 5 maart verschillende vliegtuigen, waaronder een Soe-30SM Flanker, twee Soe-34 Fullbacks, twee Soe-25 Frogfoots, twee Mi-24/Mi-35 Hind, twee Mi-8 Hip-helikopters en een onbemand Orlan-vliegtuig.[356] Op 6 maart meldden de Oekraïense strijdkrachten dat er sinds het begin van de oorlog 88 Russische vliegtuigen waren vernietigd.[357][358] Een anonieme hoge Amerikaanse defensiefunctionaris vertelde echter op 7 maart aan Reuters dat Rusland nog steeds de 'overgrote meerderheid' van zijn straaljagers en helikopters die in de buurt van Oekraïne waren verzameld, beschikbaar had om te vliegen. Na de eerste maand van de invasie meldde Justin Bronk, een Britse militaire waarnemer, het aantal verliezen van Russische vliegtuigen: 15 vliegtuigen met vaste vleugels en 35 helikopters, maar merkte op dat het werkelijke aantal zeker hoger was. Op 11 maart beweerden Amerikaanse functionarissen dat Russische vliegtuigen tot 200 vluchten per dag lanceerden, waarvan de meeste het Oekraïense luchtruim niet binnenkwamen, maar in het Russische luchtruim bleven.[359]

In de ochtend van 13 maart vuurde het Russische leger kruisraketten af op het International Peacekeeping and Security Center, een militaire trainingsbasis in Javoriv in de oblast Lviv. In eerste instantie werden er negen doden gemeld, wat later werd bijgesteld naar 35. Volgens deskundigen nam Rusland hiermee een groot risico, aangezien de basis vlak bij de Poolse grens ligt.[360]

Op 25 april kwam van Oekraïense zijde melding van Russische aanvallen op vijf treinstations in het westen en midden van Oekraïne, onder meer in de steden Zjmerynka en Kozjatyn (regio Vinnytsja), waarbij meerdere doden en gewonden waren gevallen. Het doel van de aanvallen was het verlammen van kritieke infrastructuur, volgens de plaatselijke gouverneur Serhi Borzov.[361] Rusland bevestigde later die dag de aanvallen te hebben uitgevoerd.[362]

De Russische luchtmacht speelde een veel kleinere rol in de gevechten dan analisten aanvankelijk hadden voorspeld. De verwachting was dat de talrijkere en beter gefinancierde Russische luchtmacht er snel in zou slagen om de Oekraïense luchtmacht en luchtverdediging te onderdrukken en vervolgens het Russische leger van nabij te ondersteunen. In de eerste twee weken van de invasie speelde de Russische luchtmacht echter een minimale rol en de Oekraïense luchtmacht en luchtverdediging bleven effectief. Het falen van de Russische luchtmacht werd door The Economist toegeschreven aan het onvermogen van Rusland om de middellangeafstandsraketten van Oekraïne te onderdrukken; het gebrek aan precisiegeleide munitie, samen met Oekraïense luchtdoelraketten die Russische vliegtuigen dwongen laag te vliegen, waardoor ze kwetsbaar werden voor Stinger-raketten; en een gebrek aan training en vlieguren van Russische piloten, waardoor ze onervaren waren voor de laag-bij-de-grondse ondersteuningsmissies, typerend voor moderne luchtmachten.[363]

Op 5 mei meldde het tijdschrift Forbes dat de Russen door waren gegaan met luchtaanvallen en 'doorgingen met het sturen van Soe-24- en Soe-25-aanvalsvliegtuigen om boomtop-niveau-bombardementen uit te voeren gericht op Oekraïense posities.'[364]

Op 19 juni meldde Igor Konasjenkov, woordvoerder namens het Russische ministerie van Defensie, dat bij een aanval nabij Kryvy Rih 50 hoge Oekraïense officieren waren omgekomen. Dit bericht werd niet bevestigd van Oekraïense zijde.[365]

Op 26 juni werd Sjevtsjenkivsky, een wijk van Kiev, getroffen door een Russische raketaanval, nadat het in de voorgaande weken betrekkelijk rustig was geweest in de Oekraïense hoofdstad. Er viel zeker één dode en meerdere gewonden. Vermoed werd dat Rusland een signaal wilde afgeven aan de landen die diezelfde dag voor een G7-top in Duitsland bijeen waren.[366] Volgens een verklaring van het Russische ministerie van Defensie was een wapenfabriek het echte doelwit van de aanval en zou het aan een Oekraïense luchtafweerraket hebben gelegen dat er een woonwijk was geraakt.[367]

Op 24 februari maakte de Oekraïense grenswacht bekend dat Russische marineschepen een aanval op het Slangeneiland in het zuiden van Oekraïne waren begonnen.[368] Het vlaggenschip van de Russische Zwarte Zeevloot, de 186 meter lange raketkruiser Moskva en de patrouilleboot Vasily Bykov bombardeerden het eiland met hun dekkanonnen.[369] Toen het Russische oorlogsschip zich identificeerde en de Oekraïense soldaten die op het eiland waren gestationeerd opdroeg om zich over te geven, werd dit afgewezen. De reactie van een soldaat over de radio luidde: 'Русский военный корабль, иди на хуй', wat Russisch is voor: 'Russisch oorlogschip, ga je zelf n**ken'.[370][371] Na het bombardement landde een detachement met Russische soldaten en nam de controle over het Slangeneiland over.[372] De spreuk van de soldaat werd vervolgens bij demonstraties en in de oorlogspropaganda gebruikt. De soldaat van wie het citaat stamde, kwam bij een gevangenenruil vrij en kreeg een militair eerbetoon.[373] De Oekraïense post Ukrposhta gaf in april 2022 de 'Russisch oorlogsschip, val dood' postzegel uit met daarop een afbeelding van de raketkruiser Moskva en de soldaat op het eiland.

Rusland meldde op 26 februari dat Amerikaanse drones inlichtingen leverden aan de Oekraïense marine zodat zij Russische oorlogsschepen in de Zwarte Zee konden aanvallen, de VS ontkende.

Op 3 maart werd het Oekraïense fregat Hetman Sahaidachny, het vlaggenschip van de Oekraïense marine, in Mykolajiv tot zinken gebracht om te voorkomen dat het door Russische troepen zou worden ingenomen.[374][375] Op 14 maart meldde de Russische bron RT dat de Russische strijdkrachten ongeveer een dozijn Oekraïense schepen in Berdjansk hadden veroverd, waaronder het landingsschip uit de Polnochny-klasse Yuri Olefirenko.

Het Oekraïense leger trof vele defensieve voorzieningen om een landing van marinetroepen te verhinderen. Oekraïne vroeg andere landen om de levering van effectieve kustverdedigingswapens tegen schepen.

Op 24 maart meldden Oekraïense functionarissen dat een groot Russisch landingsschip, de Saratov, dat was aangemeerd in de haven van Berdjansk, was vernietigd door een Oekraïense raketaanval.[376]

Op 13 april ontstond er brand op de Slava-klasse-raketkruiser Moskva. Van Oekraïense zijde kwam de melding dat het schip geraakt was door twee Oekraïense Neptun-antischeepsraketten, die tot dan toe nooit in een oorlogssituatie ingezet waren. Het Pentagon bevestigde een dag later deze Oekraïense verklaring.[377] Het Russische ministerie van Defensie bevestigde eerst dat het oorlogsschip ernstige schade had opgelopen en dat de gehele bemanning geëvacueerd was, later werd het woord 'gehele' verwijderd.[378][379] Pentagon-woordvoerder John Kirby meldde op 14 april dat uit satellietbeelden bleek dat het Russische oorlogsschip zich na een explosie naar het oosten bewoog, waarschijnlijk voor reparaties en hermontage in Sebastopol.[380] Later op de dag zonk de Movska in de Zwarte Zee.[381] De Russische verklaring hield het op een spontane explosie van munitie met vervolgens problemen door de ruwe zee, hoewel ten dien tijde in het noorden van de Zwarte Zee een relatief geringe wind heerste van ca. 14 knopen met een deiningshoogte van een meter.[382] Indien het inderdaad om een Oekraïense kruisraketaanval ging, is de Moskva tezamen met de in de Falklandoorlog getorpedeerde kruiser Generaal Belgrano het grootste schip dat sinds de Tweede Wereldoorlog door een aanval gezonken is.[383] Het zou een aanval van grote symbolische waarde zijn, ook omdat het vlaggenschip bij veel internationale ontmoetingen tussen regeringsleiders werd ingezet.[382][384]

Slechts enkele uren nadat de Moskva was gezonken, werden er in en rond Kiev en Cherson meerdere explosies gehoord. In Kiev zou daarbij de fabriek voor Neptun anti-scheepsraketten zijn getroffen. Defensiespecialisten vermoedden dat het ging om een Russische wraakactie.[385]

Begin mei voerden Oekraïense troepen tegenaanvallen uit op Slangeneiland. Het Russische ministerie van Defensie beweerde deze tegenaanvallen te hebben afgeslagen. Oekraïne gaf beelden vrij van een Russisch landingsvaartuig van de Serna-klasse in de Zwarte Zee dat in de buurt van Slangeneiland werd vernietigd door een Oekraïense drone. Diezelfde dag voerden een paar Oekraïense Soe-27's een hogesnelheidsbombardement op laag niveau uit op het door Rusland bezette Slangeneiland; de aanval werd op film vastgelegd door een Bayraktar TB2-drone.[386]

Op 17 juni 2022 zonk een Russische militaire sleepboot, de Spasatel Vasily Bekh, in de buurt van het Slangeneiland, na getroffen te zijn door een Harpoon-raket.[387][388]

Op 30 juni 2022 verlieten de Russische troepen het Slangeneiland. Volgens de Russen was de terugtrekking een geste om de Oekraïense scheepvaart vanuit Odessa weer mogelijk te maken.[389] Oekraïne was voorzichtig in het opnieuw bezetten van het eiland.[390][391]

Al op de eerste dag van de invasie werd de kerncentrale Tsjernobyl ingenomen door het Russische leger. De regering van Oekraïne verloor hierna de communicatie met de centrale. Het personeel van de kerncentrale werd hierna door het Russische leger in gijzeling gehouden. Op 9 maart berichtte de Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken Koeleba dat de verbinding van de kerncentrale met het elektriciteitsnet was weggevallen.[392] Er bleef nog altijd koeling nodig voor hoogradioactief materiaal, en voor de noodkoeling was er slechts een beperkte hoeveelheid brandstof voor de dieselgeneratoren.[393]

Op 1 april meldden de Oekraïense instanties dat gebied van Tsjernobyl definitief door de Russische troepen was verlaten.[394]

In Zaporizja werd in de nacht van 3 op 4 maart de grootste kerncentrale van Europa urenlang beschoten door Russische troepen, waarop er brand uitbrak in een van de bijgebouwen. Een van de zes reactorgebouwen zou zijn beschadigd, twee andere reactoren werden uit voorzorg losgekoppeld. Op geverifieerde beelden was te zien dat er een granaat was ingeslagen op 100 meter afstand van nucleaire reactor nr.2.[395] Het Internationaal Atoomenergie Agentschap (IAEA) waarschuwde voor groot gevaar als een van de reactoren zou worden geraakt. Er bleek echter geen radioactieve straling te zijn vrijgekomen. In de loop van 4 maart werd de kerncentrale door de Russen ingenomen.[396]

De beschietingen op de kerncentrale van Zaporizja werden door meerdere wereldleiders gezien als oorlogsmisdaad (zie ook #Mogelijke oorlogsmisdaden).

Op 1 september 2022 kwam een team van VN-atoomwaakhond IAEA, naar eigen zeggen met als doel om een kernongeluk te voorkomen, aan bij de kerncentrale in het door Rusland bezette gebied. Op 6 september meldde de IAEA dat er dringend maatregelen nodig waren om een nucleair ongeluk te voorkomen. De IAEA-delegatie constateerde schade, ook dicht bij de reactoren, door de vele beschietingen rondom de kerncentrale. De Verenigde Naties pleitten voor de demilitarisatie van het gebied.

Uit het rapport van de IAEA bleek tevens dat Oekraïense medewerkers van de kerncentrale onder 'constante hoge stress en druk' werkten wat kon leiden tot meer menselijke fouten met implicaties voor de nucleaire veiligheid. Mark van Bourgondiën van de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) concludeerde uit het rapport dat de situatie rond de kerncentrale zorgelijk is, maar ook dat er nooit sprake was geweest van een acute noodsituatie, omdat daarvoor de activering van het veiligheidssysteem nodig zou zijn geweest.[397]

De kerncentrale in Zaporizja werd op 11 september vanwege veiligheidsredenen volledig stilgelegd. De Oekraïense beheerder Energoatom zei dat ook de zesde en laatste reactor van de centrale was losgekoppeld van het elektriciteitsnet.

In de stad Enerhodar waar het personeel dat de kerncentrale in Zaporizja draaiende moest houden woonde, was door de vele beschietingen de stroom uitgevallen waardoor het steeds moeilijker was om de kerncentrale veilig te laten werken. Ook de water- en rioleringssystemen werkten niet meer.[398]

Op 14 april 2022 meldde The New York Times dat William Burns van de CIA had aangekondigd dat de dreiging van het gebruik van tactische kernwapens binnen de wapencapaciteit van Rusland lag. Hij verklaarde: 'De directeur van de CIA zei donderdag dat de "potentiële wanhoop" om de schijn van een overwinning in Oekraïne te krijgen, de Russische president Poetin ertoe zou kunnen verleiden om het gebruik van een tactisch of laagrenderend kernwapen te bevelen.'[399] Op 22 april 2022 werd gemeld dat Rusland zijn Satan 2 intercontinentale raketten (ICBM's) bleef testen om zijn nucleaire arsenaal in de herfst van 2022 te upgraden,[400] waarbij Poetin stelde dat andere landen op hun hoede moesten zijn voor het nucleaire arsenaal van Rusland. Op 24 april verklaarde de Russische minister van Buitenlandse Zaken, Sergej Lavrov, dat verdere steun aan Oekraïne spanningen zou kunnen veroorzaken die mogelijk kunnen leiden tot een Derde Wereldoorlog-scenario waarbij het volledige Russische wapenarsenaal betrokken zou zijn.[401] Dit was een duidelijke reactie op het feit dat President Biden minister Antony Blinken naar Kiev had gestuurd voor militaire ondersteuningsbijeenkomsten met Zelensky op 23 april. De dag na de opmerkingen van Lavrov, meldde CNBC dat de Amerikaanse minister van Defensie Lloyd Austin de Russische nucleaire oorlogsretoriek 'gevaarlijk en nutteloos' noemde.[402]

Als reactie op de kennelijke veronachtzaming van de veiligheidsmaatregelen door Rusland tijdens de invasie van de Oekraïense kerncentrale in Zaporizja en de uitgeschakelde voormalige kerncentrale Tsjernobyl, uitte Zelensky op 26 april 2022 zijn bezorgdheid dat de Russische onverantwoordelijkheid bij het afvuren van hun raketten in de buurt van Oekraïnes actieve kerncentrale zou moeten leiden tot een internationale discussie, gericht op het beperken en controleren van Rusland als een natie die niet langer gekwalificeerd zou zijn voor het verantwoord beheer van zijn nucleaire hulpbronnen en kernwapens. Zelensky zei: 'Ik geloof dat na alles wat het Russische leger heeft gedaan in de Tsjernobyl-zone en op de kerncentrale van Zaporizja, kan niemand ter wereld zich veilig kan voelen wetend hoeveel nucleaire installaties, kernwapens en aanverwante technologieën de Russische staat heeft... Als Rusland is vergeten wat Tsjernobyl is, betekent het dat de wereldwijde controle over Ruslands nucleaire installaties, en technologie nodig is.'[403]

In een duidelijke reactie op de Duitse inzet van gewapende tanks naar Oekraïne, kondigde Poetin op 27 april in de belangrijkste wetgevende vergadering van Rusland aan dat Rusland zou reageren op elke strijdbare militaire provocatie van buiten Oekraïne met onmiddellijke dwingende actie die alleen mogelijk was met Ruslands unieke arsenaal aan kernwapens.[404] Op 4 mei hield de Amerikaanse Senaat de Hearing on Nuclear Readiness Amid Russia-Oekraine War, waar admiraal Charles A. Richard verklaarde dat de huidige nucleaire triade verdedigingscapaciteiten in de VS op een minimaal acceptabel niveau van operationele capaciteit werkten, met Russische voorraden en Chinese voorraden die groter waren dan die van de VS.[405] Op 6 mei verklaarde de Russische woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken, Alexei Zaitsev, dat Rusland geen kernwapens zou gebruiken in Oekraïne, en beschreef het gebruik ervan als 'niet van toepassing op de Russische 'speciale militaire operatie''.[406]

Op 23 mei nam de Russische diplomaat Boris Bondarev ontslag. Hij bekritiseerde de invasie en keerde zich af van Lavrovs standpunt over het mogelijke gebruik van Russische kernwapens.[407] De Russische ambassadeur in het VK, Andrei Kelin, stelde op 29 mei in een interview met de BBC dat de Russen op dit moment geen plannen hadden om ze te gebruiken, tenzij werd vastgesteld dat de Russische soevereiniteit in gevaar was. Hij verwierp ook de beschuldigingen tegen Rusland met betrekking tot de wreedheden in Boetsja.[408]

De spoorwegen zijn een belangrijk onderdeel van de infrastructuur van Oekraïne. In 2019 vervoerden de Oekraïense spoorwegen 441 miljoen reizigers en 457 ton goederen op een spoornet van 23.000 kilometer.[409] De afstanden in Oekraïne zijn groot en weinig mensen beschikken over eigen vervoer.

Direct na de Russische invasie werd de verkeersleiding veiliggesteld door deze over te zetten naar een speciale trein die vaak werd verplaatst naar geheime locaties,[410] zodat het Russische leger het spoorverkeer niet plat kon leggen door de verkeersleiding uit te schakelen. Ondanks de vele Russische aanvallen bleven de Oekraïense spoorwegen functioneel en speelden een belangrijke rol in het transport van vluchtelingen, hulpgoederen, militaire bevoorradingen en bewegingen. Het lokale reizigersvervoer werd stilgelegd, maar het langeafstandsverkeer (zonder dienstregeling) bleef wel rijden. Er werd geïmproviseerd met de middelen, het personeel en de routes afhankelijk van de oorlogssituatie. Beschadigingen aan de infrastructuur werden zo snel mogelijk, soms provisorisch, hersteld. In de eerste twee weken van de aanvalsoorlog werden er via de spoorwegen twee miljoen vluchtelingen naar veiliger oorden gebracht.[409]

Het treinverkeer in de aan Rusland en Wit-Rusland grenzende gebieden werd gestaakt en daarna volgden de lijnen in het directe oorlogsgebied. In de buurt van de frontlinie en in (voormalig) bezet gebied reden geen treinen in verband met de vele vernielingen aan de spoorlijnen. De spoorverbindingen met de separatistische volksrepublieken in het oosten van Oekraïne waren al verbroken voor de Russische invasie.[411]

Het grensverkeer met Europa werd bemoeilijkt door het verschil in spoorwijdte (Oekraïne/Moldavië breedspoor 1524 mm / Europees normaalspoor 1435 mm).[411] Dit probleem werd groter door de blokkade van de Zwarte Zeehavens. Ook het luchtvaartverkeer boven Oekraïne was afgesloten. Voor de vluchtelingen was het Poolse treinstation van Przemyśl de belangrijkste overstapplaats. De al twaalf jaar gesloten grensspoorlijn Zagórz - Chyriv, werd in drie dagen weer berijdbaar gemaakt. Ook de breedspoor goederenlijn Linia Hutnicza Szerokotorowa die tot ver in Polen doordringt werd gebruikt door treinen die vluchtelingen vervoerden, met soms wel 20 rijtuigen per trein.[412] De Europese spoorwegen hielpen massaal mee om de vluchtelingen te helpen door extra treinen in te zetten en gratis reizen, begeleiding, informatie en opvangdiensten aan te bieden.[413] Aan de Roemeense kant werd de spoorlijn van Zorleni tot Fălciu aan de Moldavische grens heropend.[414]

Voor het goederenverkeer werden alternatieven bedacht om de capaciteit van de grensovergangen en overlaadsplaatsen te verhogen.[415] Op korte termijn zou de Giurgiulesti - Galati spoorlijn aan de Roemeens-Moldavische grens worden hersteld.[416][noten 1] Galati is een havenstad voor de binnenvaart, gelegen aan de Donau, die met een breedspoorlijn bereikbaar is. Ook gelegen aan de Donau is de Oekraïense havenstad Izmajil die verbonden is met het Oekraïense spoornet. De spoorlijn van Odessa naar Izmajil gaat over een beschadigde spoorbrug over de rivier Dnjestr, bij de kust, die gemakkelijk vanuit de zee kan worden aangevallen.[417]

Litouwen zocht alternatieve normaalspoorverbindingen met Oekraïne via Polen, ter vervanging van de rechtstreekse Russische breedspoorverbindingen via Wit-Rusland.[418] Er is al een normaalspoorverbinding van Litouwen naar Polen als onderdeel van het project Rail Baltica en vanuit Polen is er een normaalspoorverbinding naar het Oekraïense spoorknooppunt Kovel (grotendeels een drierailig spoortraject).[411]

Op 22 augustus 2022 werd de spoorverbinding tussen Berezyne (Oekraïne) en Basarabeasca (Moldavië), die in 1997 was gesloten, heropend.[419] Deze spoorverbinding tussen Oekraïne en Moldavië loopt niet door het door Rusland gecontroleerde Transnistrië.[420] In beide landen rijden de treinen op Russisch breedspoor en in Roemenië op normaalspoor.

Oekraïense burgers boden op verschillende manieren weerstand aan de Russische invasie, zoals door het maken van molotovcocktails, het doneren van voedsel, het bouwen van barrières,[421] en de hulp in het vervoeren van vluchtelingen.[422] Burgers in bezette gebieden van Oekraïne organiseerden ook massa-demonstraties en burgerlijk verzet tegen het Russische leger. In een poging het verzet de kop in te drukken, ging Rusland over tot het massaal aanhouden van Oekraïense demonstranten. Lokale Oekraïense media berichtten over gedwongen verdwijningen, schijnexecuties, gijzelingen, buitengerechtelijke executies en seksueel geweld door het Russische leger tegen de Oekraïense bevolking.[423]

In een poging om de militaire capaciteiten van Rusland te beperken, verzochten de strijdkrachten van Oekraïne de bevolking publiekelijk om eventuele waarnemingen van Russische elektronische oorlogssystemen of voertuigen te melden.[424]

De Oekraïense militaire inlichtingendienst (GUR) meldde dat Oekraïense partizanen 70 Russische bezetters hadden gedood in de regio rond Melitopol in de periode van 20 maart tot 12 april.[425]

Op 18 mei 2022 werd door de Oekraïense overheid bekendgemaakt dat Oekraïense guerrillastrijders tijdens een sabotageactie een bom hadden laten exploderen onder een gepantserde trein in de buurt van de slachterij van Melitopol.[426] Het is onduidelijkheid of de trein was opgeblazen of dat de schade zich beperkte tot de sporen en de gevolgen van de ontsporing.[427]

Begin juni 2022 arresteerde de Russische politie een man die een molotovcocktail gooide en een lokaal Krim-bestuursgebouw in brand stak uit protest tegen de Russische invasie van Oekraïne.[428]

De Oekraïense regering riep buitenlanders op om zich bij de Oekraïense ambassade in hun land aan te melden voor het Internationaal Legioen van Territoriale Verdediging van Oekraïne.[429] Eerst was een militaire achtergrond voldoende, later werd gevechtservaring een vereiste. De Oekraïense vicepremier Michailo Fedorov spoorde IT-experts aan om DDoS-aanvallen op Russische websites te doen.[430][431] Rusland stelde dat deelnemers van het vreemdelingenlegioen niet dezelfde rechten zouden krijgen als krijgsgevangenen, maar op zijn best vervolgd zouden worden als criminelen.[432] Op 9 juni 2022 werden in de regionale rechtbank van de niet-erkende zelfverklaarde volksrepubliek Donetsk drie buitenlandse strijders – twee Britten en een Marokkaan – ter dood veroordeeld wegens terrorisme en het werken als huurling. Ze hadden gevochten als vrijwilliger aan Oekraïense zijde bij de Slag om Marioepol, totdat ze werden gedwongen om zich over te geven.[433]

De Nederlandse minister van Defensie, Kajsa Ollongren, ried na het begin van de Russische invasie deelname aan het vreemdelingenlegioen in Oekraïne af. Het is in beginsel echter niet verboden voor Nederlandse burgers om dienst te nemen in een vreemde krijgsmacht. Het zou pas strafbaar worden als zij zich zouden voegen bij een strijdende partij waarmee Nederland in conflict was.[434][435]

In Denemarken meldden zich in de eerste week na het begin van de invasie enkele vrijwilligers aan.[436] De Deense premier Mette Frederiksen noemde vechten in Oekraïne 'een keuze die iedereen kan maken'.[437]

De Britse minister van Buitenlandse Zaken, Liz Truss, zei dat 'de Oekraïners niet alleen voor de vrijheid van Oekraïne, maar voor die van heel Europa vochten, in een strijd voor de democratie', en dat mensen hun eigen beslissing mochten nemen om te gaan vechten.[438] Premier Boris Johnson suggereerde dat Britse vrijwilligers in het vreemdelingenlegioen bij thuiskomst als terroristen beschouwd zouden kunnen worden.[439]

Wit-Russische partizanen saboteerden de spoorwegen in Wit-Rusland om de aanvoerlijnen van het Russische leger te hinderen.[440] Het verzet en de oppositie in Wit-Rusland keerden zich fel tegen de Russische invasie van Oekraïne en beschouwden de Russische troepen als bezetters. Wit-Rusland zette zelf geen soldaten in in Oekraïne, maar ondersteunde de invasie wel op allerlei manieren. Het Wit-Russisch leger heeft volgens Loekasjenko een beperkte actie op Oekraïens grondgebied uitgevoerd tijdens een speciale operatie om Belarussische truckers te redden uit Oekraïne.[441]

Leden van de Wagnergroep, een paramilitaire Russische organisatie, opereerden vanaf 2014 op de bezette Krim en later ook in de separatistische volksrepublieken Loegansk en Donetsk. Zij zouden eind februari 2022 betrokken zijn geweest bij minstens één mislukte moordaanslag op de Oekraïense president Zelensky.[442] Eind februari 2022 werd bekend dat de Wagnergroep huurlingen ronselde in het oosten van Syrië.[443] Op 11 maart verkondigde de Russische minister van defensie, dat president Poetin 16.000 aanvragen had ontvangen van vrijwilligers uit het Midden-Oosten, die konden worden ingezet in de separatistische republieken Donetsk en Loegansk.

Volgens de Oekraïense legerstaf weigerden diverse Russische legereenheden om naar het front te gaan. Rapporten maakten melding over soldaten die hun eigen commandanten zouden vermoorden en over zelfmoorden onder commandanten.[444] Ongeveer 300 soldaten uit Zuid-Ossetië die in het Russische leger dienden, deserteerden en keerden terug naar hun thuisland. Zij klaagden over de slechte behandeling en het feit dat ze onvoorbereid naar het slagveld waren gestuurd.[445]

Verschillende Russische soldaten, gevangengenomen door Oekraïense troepen, beweerden dat Russische officieren hun gewonden hadden gedood.[446] Er waren ook beweringen dat Russische soldaten hun bevelhebbers hadden gedood en dat Russische officieren zelfmoord hadden gepleegd.[447] De Oekraïense Inlichtingendienst gaf enkele onderschepte telefoongesprekken vrij, waaruit zou blijken dat Russische soldaten zichzelf opzettelijk verwondden om niet aan de strijd te hoeven deelnemen.[448] Een Russische rechtbank onthulde dat ze 115 leden van de Nationale Garde had ontslagen, omdat deze militairen hadden geweigerd mee te vechten tijdens de invasie.[449]

De bevolking van de twee separatistische volksrepublieken Donetsk en Loegansk eiste de terugkeer van hun door het Russische leger gedwongen gemobiliseerde mannen. Door de vele verliezen aan Russische zijde en het naar verluidt ontduiken van de betalingen aan families van gewonde of overleden soldaten, was het animo om deel te nemen aan de strijd flink gedaald. Op 16 en 17 mei 2022 waren er protesten tegen de mobilisatie in de steden Loehansk, Donetsk en Rovenky.[450]

Het Russische leger had moeite met het genereren van voldoende strijdkrachten en het behouden van het moreel van het gemobiliseerde personeel. De Oekraïense legerleiding meldde dat het 1e legerkorps van volksrepubliek Donetsk, onder het 8e gecombineerde wapenleger van Rusland, gedwongen mobilisaties uitvoerde onder mannen in de bezette gebieden van de oblast Donetsk.

De gedwongen Russische mobilisatie deed het lage moreel en de slechte discipline in Russische eenheden verergeren. De vereiste medische screenings werden niet uitgevoerd en er werden mannen toegelaten wier medische toestand hen had moeten diskwalificeren. Veel Russische soldaten weigerden terug te komen na hun verlof (30% tot 40%).[451]

Russische troepen maakten gebruik van psychologische oorlogsvoering om het moreel van Oekraïense soldaten te schaden. De Oekraïense Militaire inlichtingendienst (GUR) meldde op 8 juni 2022 dat Russische troepen dreigende berichten stuurden naar de persoonlijke communicatiemiddelen van Oekraïense militairen waarin ze hen opriepen hun wapens neer te leggen, zich over te geven of over te lopen naar Rusland. Er zou locatie-informatie worden gebruikt om Oekraïense soldaten of hun familieleden te bedreigen. Dit gebeurde via verschillende platforms, waaronder sms, Telegram, Viber, Signal en WhatsApp. Ook verspreidden Russische propagandisten dat de Slag om Sjevjerodonetsk het 'volgende Marioepol' zal worden.[428]

Op 2 maart beweerde Rusland 572 Oekraïense soldaten te hebben gevangengenomen,[452] terwijl Oekraïne beweerde dat er op 20 maart 562 Russische soldaten gevangen werden gehouden,[453] met 10 eerder gemelde gevangenen vrijgelaten in gevangenenruil voor vijf Oekraïense soldaten en de burgemeester van Melitopol. Vervolgens vond de eerste grote uitwisseling van gevangenen plaats op 24 maart, toen 10 Russische en 10 Oekraïense soldaten, evenals 11 Russische en 19 Oekraïense civiele matrozen, werden uitgewisseld.[454]

Op 24 februari werd gemeld dat Oksana Markarova, de Oekraïense ambassadeur in de VS, had verklaard dat een peloton van de 74e Gemotoriseerde Infanteriebrigade uit de oblast Kemerovo zich had overgegeven. Ze wisten naar eigen zeggen niet dat ze naar Oekraïne waren gestuurd om daar te vechten en te doden.[455]

Op 8 maart kondigde een Oekraïense defensieverslaggever van The Kyiv Independent aan dat de Oekraïense regering in volledige overeenstemming met het internationaal recht, ernaar streefde om Russische krijgsgevangenen te laten werken om de Oekraïense economie nieuw leven in te blazen.[456]

In de eerste week van maart meldde Rusland dat er bij de gevechten in Oekraïne tot dan toe zeker 498 Russische militairen waren omgekomen. Dit officiële cijfer werd dagenlang niet aangepast, hoewel de strijd onverminderd doorging. Oekraïne noemde van zijn kant veel hogere aantallen Russische gesneuvelde militairen. Dit zaaide onrust bij ouders van Russische dienstplichtigen. In Kemerovo, Siberië, dwongen soldatenmoeders een ontmoeting af met de plaatselijke gouverneur. Ze riepen hem geëmotioneerd toe dat hun kinderen als 'kanonnenvoer' werden gebruikt. De gouverneur antwoordde dat de 'speciale operatie' in Oekraïne niet mocht worden becommentarieerd of bekritiseerd.[457]

Omtrent het precieze aantal Russische doden door de oorlog blijft veel onduidelijk. De Russische krant Komsomolskaya Pravda meldde op 22 maart gedurende korte tijd op haar website dat er 9.861 Russische soldaten waren omgekomen en 16.153 Russische militairen gewond waren geraakt, maar deze cijfers werden snel weer verwijderd. De krant beweerde daarop dat het een fout op de site was geweest, als gevolg van een hack. Eind maart sprak de Russische overheid over 1351 doden.[458] Van Oekraïense zijde werd inmiddels beweerd dat er sinds de eerste dag van de oorlog meer dan 14.000 Russische soldaten waren omgekomen.[459]

Sommige moeders en weduwen van gesneuvelde Russische soldaten probeerden hen uit Oekraïne te krijgen, terug naar Rusland. Een aantal moeders heeft het Comité Soldatenmoeders om advies gevraagd.[460]

De Volkskrant meldde op 9 juni 2022 na eigen onderzoek dat lokale Russische media door hen zelf gepubliceerde lijsten met namen en postuums van omgekomen militairen verwijderden. Dit gebeurde onder dwang van de rechter of omdat de media vreesden voor een sluiting door de Russische overheid.[458]

Na 100 dagen oorlog waren van de oorspronkelijke 20.000 soldaten van het leger van de Volksrepubliek Donetsk, meer dan de helft overleden of gewond.[461]

Veel lagere en middelrang-officieren sneuvelden omdat ze gedwongen werden om bij de gevechtsacties aanwezig te zijn om persoonlijk sturing te kunnen geven. Door de rigide organisatie bij het Russische leger kunnen hogere officieren nauwelijks delegeren naar officieren met een lagere rang. Veel legereenheden zijn samengevoegd uit voormalige gevechtseenheden waarvan veel soldaten gesneuveld waren en daardoor niet effectief meer konden doorvechten. Daar deze gecombineerde gevechtseenheden nog niet goed op elkaar waren ingespeeld, vroeg dit om veel meer sturing. In het Russische leger konden de onderofficieren geen – of alleen zeer beperkt – tactische beslissingen of initiatieven nemen.[464]

Het Russisch leger is uitgerust met veel artilleriewapens, bijvoorbeeld het 9K720 Iskander-raketsysteem en BM-27 Oeragan-raketten. Het zwaarste kanon, de 2S7 Pion, kan tot 37,5 kilometer ver schieten.[465] Het Russische leger heeft veel wapens en maar een beperkt aantal slecht onderhouden vrachtwagens, waardoor de logistiek een groot probleem is bij langdurige militaire campagnes en zeker bij lange aanvoerlijnen.[466] Ondermaats voertuigonderhoud voorafgaand aan de invasie en Chinese rubberbanden van slechte kwaliteit zorgden voor grootschalige uitval van Russische legervoertuigen.[467]

Het Oekraïense leger beschikte over Stinger-luchtverdedigingswapens, Javelin-antitankraketten, Next Generation Light-antitankraketten en OTR-21 Tochka-raketten.[468]

Er werden door Oekraïense burgers en het leger veel drones gebruikt tegen het Russische leger. In de beginfase was de Russische luchtafweer nog niet in orde en was de Bayraktar TB2-gevechtsdrone zeer effectief. Later werd deze drone met meer voorzichtigheid ingezet.[469] De VS leverde 100 Switchblades-drones aan Oekraïne.[470]

Oekraïne ontwikkelde de Neptun-antischeepsraket, een doorontwikkeling van de Sovjet-antischeepsraket Zvezda Kh-35.[471] Tevens werden er Amerikaanse Harpoon-raketten gebruikt om Russische schepen aan te vallen.

Door de onverwacht langdurende 'speciale militaire operatie' en de grote verliezen aan materieel en manschappen, werd voorbereidende wetgeving ingevoerd om de Russische economie te mobiliseren voor een langdurige oorlog. In een amendement op de Russische wetgeving, ingediend op 30 juni 2022, werden 'speciale maatregelen in de economische sfeer' ingevoerd, waarbij alle bedrijven, ongeacht de eigendomsrechten, verplicht waren te leveren aan de 'speciale militaire operatie' en antiterroristische operaties. Weigering van staatsopdrachten was niet toegestaan. De staat kon indien nodig de arbeidscontracten en werkcondities aanpassen. Zo konden arbeiders verplicht worden om nachts of tijdens officiële feestdagen te werken.[472]

Geen enkel westers land wilde zich tot nu toe in het gewapende conflict mengen. De vrees bestond dat inmenging tot een nog verdere escalatie zou leiden, waardoor alle NAVO-lidstaten als gevolg van het toepassen van Artikel 5 de oorlog zouden worden ingetrokken, met mogelijk een kernoorlog of Derde Wereldoorlog tot gevolg.[473][474]

Sinds 2014 hebben het VK, de VS, de EU en de NAVO vooral niet-dodelijke militair materieel geleverd aan Oekraïne. Dodelijke militaire steun was in eerste instantie beperkt: de VS verkocht in 2018 wapens aan Oekraïne, waaronder Javelin-antitankraketten, en in 2019 kocht Oekraïne Bayraktar TB2-drones van Turkije. Toen Rusland in januari 2022 begon aan de troepenopbouw aan de Oekraïense grenzen, gaf de VS enkele NAVO-lidstaten goedkeuring om hun in de VS geproduceerde wapens naar Oekraïne over te brengen. Het VK begon ook met het leveren van Next Generation Light-antitankraketten en Javelin-antitankraketten. Na de invasie kwamen individuele NAVO-lidstaten overeen wapens te leveren, maar de NAVO als bondgenootschap niet. De NAVO en haar lidstaten weigerden ook troepen naar Oekraïne te sturen, omdat dit een oorlog op grotere schaal zou riskeren, een beslissing die sommige experts hebben bestempeld als een beleid van verzoening.[475]

Op 26 februari 2022 kondigde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Antony Blinken, 350 miljoen dollar aan militaire hulp aan, inclusief anti-pantser- en luchtafweersystemen. De volgende dag verklaarde de EU dat het voor 450 miljoen euro aan wapens en 50 miljoen euro aan militaire goederen zou leveren aan Oekraïne, waarbij Polen als distributiecentrum zou fungeren. EU-buitenlandchef Josep Borrell verklaarde dat de EU van plan was Oekraïne te voorzien van straaljagers. Bulgarije, Polen en Slowakije hadden MiG-29's en Slowakije had ook Soe-25 vliegtuigen waarmee Oekraïne al bekend was en die zonder opleiding van piloten konden worden overgedragen. De eigenaren van de vliegtuigen waren echter terughoudend om wapens te doneren die essentieel waren voor hun eigen territoriale verdediging, en vreesden dat Rusland het als een oorlogsdaad zou kunnen beschouwen als straaljagers vanaf hun luchtbases zouden vliegen om voor Oekraïne te vechten.[476]

Vanaf april 2022 leverden westerse landen zwaardere artillerie aan Oekraïne, die werd ingezet in de strijd (zie #Steun en wapenleveringen vanuit de NAVO).

Tijdens de eerste week van de invasie hadden de NAVO-lidstaten meer dan 17.000 antitankwapens aan Oekraïne geleverd, medio maart werd het aantal geschat op meer dan 20.000.[477]

Op 11 april was Oekraïne door de EU, VS en het VK voorzien van ongeveer 25.000 luchtafweersystemen en 60.000 antitankwapensystemen. De volgende dag ontving Rusland naar verluidt antitankraketten en RPG's uit Iran, geleverd via undercovernetwerken via Irak.[478]

De Oekraïense president Zelensky riep herhaaldelijk op tot het instellen van een no-flyzone. Vrijwel onmiddellijk meldde Stoltenberg namens de NAVO dat dit niet mogelijk was. Een no-flyzone zou moeten worden gehandhaafd en zou kunnen leiden tot een grootschalige oorlog. In de eerste twee weken van de oorlog werd Oekraïne grotendeels beschoten met raketten en artillerie, iets waar een no-flyzone geen invloed op zou hebben. De enige prominente militair die het idee van een no-flyzone boven Oekraïne steunde was de Amerikaanse oud-generaal Philip Breedlove.[479]

Europese landen kondigden als een reactie op de invasie aanmerkelijke investeringen in de eigen krijgsmacht aan. Daarbij viel vooral Duitsland op, dat een eenmalige investering van 100 miljard euro in de Bundeswehr aankondigde.[480]

Als reactie op de Russische agressie overwogen de 'neutrale landen' Zweden en Finland om toe te treden tot de NAVO. Mocht dit gebeuren, zou Poetin met zijn oorlog het tegenovergestelde hebben bereikt van wat zijn doel was, namelijk een afgezwakte, en verdeelde NAVO, zonder nieuwe Oost-Europese en Baltische leden.[481] Op 18 mei 2022 vroegen Zweden en Finland gezamenlijk het NAVO-lidmaatschap aan.[482]

Op 5 mei 2022 meldde de Oekraïense premier, Denys Sjmyhal, dat Oekraïne sinds het begin van de Russische invasie meer dan 12 miljard dollar aan wapens en financiële hulp had ontvangen van westerse landen.[483] Op 10 mei 2022 keurde het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden een militair steunpakket goed voor Oekraïne van 40 miljard dollar.[484]

Op 25 februari, een dag na het begin van de invasie, besloten NAVO-regeringsleiders tijdens een videoconferentie dat de NATO Response Force voor het eerst in haar bestaan zou worden verzameld. Er zouden enkele duizenden manschappen naar NAVO-lidstaten in Oost-Europa worden gestuurd.[485]

Op 27 februari werd bekend dat de Europese Unie wapens en munitie ging leveren aan Oekraïne. Hiervoor zou een bedrag van ca. 500 miljoen euro worden uitgetrokken. Het was voor het eerst in haar geschiedenis dat de EU als geheel tot iets dergelijks overging. Individuele EU-lidstaten hadden Oekraïne al wel eerder van wapens voorzien.[486][487] Ook Duitsland, dat sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog een beleid voerde om geen wapens naar conflictgebieden te sturen, begon met wapenleveringen aan Oekraïne. Het neutrale Zweden zegde eveneens, voor het eerst sinds 1939, wapenleveringen aan Oekraïne toe.[488]

Vanaf april leverden westerse landen steeds meer artillerie aan Oekraïne, zoals de Amerikaanse M777 Houwitser, die tot 50 kilometer ver met precisie kan schieten. Er werden ook 'slimme' precisiegranaten met gps-sturing, zoals de M982 Excalibur, ingezet. De Amerikaanse legerleiding bevestigde dat deze wapens een belangrijke rol hadden in het Oekraïens tegenoffensief rond Charkov en bij de artilleriegevechten in de Donbas.[489] Op 26 april besloot Duitsland voor het eerst zware wapens (namelijk 50 Flakpanzer Gepards) naar Oekraïne te sturen.[490][491]

De Amerikaanse president Joe Biden zei op 30 mei dat hij afzag van het idee om de uiterst geavanceerde MLRS-raketartilleriesystemen aan Oekraïne te gaan leveren, iets waar het land om had gevraagd. Met deze raketsystemen zou het mogelijk zijn geworden om vanuit Oekraïne doelen ver in Russisch grondgebied te treffen.[492] Twee dagen later bleek Biden zijn mening te hebben bijgesteld en verklaarde tegen The New York Times dat hij alsnog HIMARS-raketartilleriesystemen naar Oekraïne zou sturen. De Duitse premier Olaf Scholz maakte diezelfde dag bekend dat ook zijn land een modern IRIS-T-luchtafweersysteem en radar om artillerie te spotten naar Oekraïne zou sturen. Duitsland had volgens Scholz sinds het begin van de oorlog al 100.000 granaten en meer dan 5000 antitankmijnen geleverd aan Oekraïne, waarmee hij weersprak dat Duitsland te weinig zou doen om Oekraïne te helpen.[493][494]

Oekraïense vrijwilligers zonder militaire ervaring kregen vanaf juli 2022 in het Verenigd Koninkrijk in vijf weken tijd een militaire basistraining. De Britten hadden de capaciteit om in 120 dagen tienduizend militairen te trainen, in samenwerking met andere NAVO-landen.[495][496] Het Oekraïense leger kon op deze manier al zijn ervaren soldaten inzetten in de strijd en daarnaast werd zo de kans op een aanslag op het trainingkamp zo goed als weggenomen. Deze basistraining voor vrijwilligers stond los van de opleiding in het gebruik/beheer/inzet van moderne westerse wapens voor ervaren Oekraïense militairen.

Voorafgaande de grote tegenoffensief in en rond Cherson, zijn er intensive discussies geweest tussen de strategisch militaire planners van Oekraïne en de Verenigde Staten, over wat de beste strategie is voor het tegenoffensief. Hierbij zijn militaire simulaties (War Games) toegepast.[497]

Direct na het begin van de invasie stelden deskundigen dat de internationale orde in Europa hierdoor veel meer in gevaar werd gebracht dan het geval was geweest met de Joegoslavische oorlogen van de jaren negentig. Het kon volgens hen uitgroeien tot het grootste militaire conflict op Europese bodem sinds de Tweede Wereldoorlog.[498]

Al heel snel na het begin van de invasie kwam een stroom vluchtelingen vanuit het oorlogsgebied op gang, vooral richting Polen en Roemenië. Op de tweede dag van de invasie meldden de Verenigde Naties dat er zeker zo'n 100.000 Oekraïners op de vlucht waren geslagen;[499] na een week waren dat er een miljoen. Bovendien was er nog een stroom de andere kant op, van Oekraïners die in het buitenland werkten en nu hun vaderland wilden helpen verdedigen. Op 12 maart 2022 waren meer dan 2,5 miljoen Oekraïners hun land ontvlucht, voornamelijk naar Polen, maar ook naar andere landen ten westen van Oekraïne: Hongarije, Roemenië, Moldavië en Slowakije. Volgens de VN waren er op dat moment meer dan 255.000 mensen vanuit Oekraïne naar andere Europese landen vertrokken.[500] De EU deed voor het eerst in haar geschiedenis een beroep op de richtlijn tijdelijke bescherming, die Oekraïense vluchtelingen het recht geeft om tot drie jaar in de EU te wonen en te werken. Gedurende die periode zijn de lidstaten verplicht bescherming te bieden.[501] De vluchtelingen waren voornamelijk Oekraïense vrouwen en kinderen, aangezien mannen tussen de 18 en 60 jaar oud hun land niet mochten verlaten vanwege de algehele mobilisatie.[130]

Een aanzienlijk deel van de vluchtelingen keerde na enige tijd terug naar Oekraïne.[502][503] Tegen eind mei 2022 waren dit er ongeveer 2,2 miljoen. De UNHCR liet in een verklaring weten dat dit cijfer betrekking had op het aantal Oekraïners die de grens naar Oekraïne weer overstaken, wat dus niet direct inhield dat ze hierna voorgoed in Oekraïne zouden blijven.[504]

Op 5 maart kwamen Rusland en Oekraïne een tijdelijk staakt-het-vuren overeen in Marioepol en Volnovakha, zodat burgers deze belegerde steden konden verlaten via zogenoemde humanitaire corridors.[505] Het Rode Kruis meldde echter dat er in geen van beide steden evacuaties mogelijk waren, als gevolg van aanhoudende beschietingen.[506][507] Op 6 maart werd het staakt-het-vuren nog steeds niet nageleefd. Ook maakte het Rode Kruis bekend dat er mijnen op de evacuatieroute uit Marioepol lagen.[508][509] Er was ondertussen weinig vertrouwen meer in de humanitaire corridors. Van de zes mogelijke routes liepen er vier rechtstreeks naar Rusland en Wit-Rusland.[510] In de dagen erna bleven Russische troepen Marioepol bestoken met artillerie.[511][512]

Op 19 maart maakte vicepremier Irina Veresjtsjoek bekend dat Rusland en Oekraïne het eens waren over tien humanitaire corridors, onder meer vanuit Marioepol. Ook in de regio Loegansk werd een corridor geopend.[513] Op 26 maart werd bekend dat de twee landen opnieuw afspraken hadden gemaakt voor tien humanitaire corridors. Volgens president Zelensky waren er de afgelopen week meer dan 37.500 burgers geëvacueerd binnen Oekraïne, vooral vanuit het zwaar belegerde Marioepol.[514] Vicepremier Veresjsjtoek zei op de staatstelevisie dat de nieuwe corridors onmiddellijk zouden opengaan.[515]

Duizenden vluchtelingen die in Rusland aankwamen, leken gedwongen te zijn verplaatst.[516]

Oekraïense functionarissen beweerden dat er duizenden burgers naar Taganrog in de oblast Rostov in Rusland waren gestuurd. Russische staatsmedia meldden dat sommige inwoners van Marioepol waren geëvacueerd naar Volksrepubliek Donetsk en de oblasten Rjazan en Yaroslavl in Rusland. Ooggetuigen spraken van burgers uit Marioepol en andere bezette gebieden, die gedwongen werden verplaatst naar Rusland, om zo het Russische pr-verhaal te ondersteunen dat de Russische troepen de Russisch sprekende Oekraïners naar het veilige Rusland zouden evacueren om ze te redden van de onderdrukking door Kiev.

Oekraïense burgers kwamen in 'filtratiekampen', waar ze uitvoerig werden ondervraagd. Burgers die familie hadden wonen in Rusland werden meestal herenigd en daarna geïntegreerd in de Russische maatschappij. Burgers zonder Russische familiebanden werden vaak naar het verre Siberië gebracht. Sommige van deze gedeporteerden waren in staat om Rusland te ontvluchten.[517]

Rusland en Oekraïne waren samen verantwoordelijk voor 29% van de wereldwijde tarwe-export en 75% van de wereldwijde export van zonnebloemolie.[518] Het hoofd van het Wereldvoedselprogramma, David Beasley, waarschuwde in maart 2022 dat de oorlog in Oekraïne de wereldwijde voedselcrisis zou kunnen brengen tot 'niveaus die we nog nooit eerder hebben gezien'. Een mogelijke verstoring van de wereldwijde tarwevoorziening zou de aanhoudende hongercrisis in Jemen (die het gevolg was van de burgeroorlog) kunnen verergeren.[519]

Oekraïne beschuldigde de Russen eind april van het stelen van zo'n 400.000 ton graan, een derde van de graanvoorraad van de bezette gebieden.[520] De Oekraïense onderminister van Landbouw Taras Vysotsky waarschuwde voor hongersnood in de bezette gebieden als de graanvoorraad verder af zou nemen: 'Er waren geen strategische reserves.'[521]

In de oblast Cherson werden boerderijen geconfisqueerd en boeren onder bedreiging gedwongen te werken voor de Russen.[522] Het stelen van graan door de Russen ligt in Oekraïne zeer gevoelig; tijdens de hongersnood in 1932-1933, de Holodomor, werden alle graan- en voedselvoorraden in Oekraïne weggenomen door het Stalin-regime, in een poging de Oekraïense bevolking uit te roeien.

Vicepremier voor de Europese en Euro-Atlantische integratie van Oekraïne Olha Stefanisjyna sprak in een online VN-briefing op 19 maart over de humanitaire crisis. De vicepremier bedankte alle landen en internationale organisaties die Oekraïne prompt de nodige hulp hadden geboden en hun grenzen hadden opengesteld voor vluchtende Oekraïners. Stefanisjyna riep de internationale gemeenschap daarnaast op om druk uit te oefenen op Rusland om de vijandelijkheden in Oekraïne onmiddellijk te staken in navolging van de beslissing van het Internationaal Gerechtshof van de VN in Den Haag. Ze sprak van genocide die door de Russen werd gepleegd op Oekraïners. Ook benadrukte ze de aanzienlijke gevolgen van de oorlog voor de hele wereld, en dan met name in de voedselsector.

Door de oorlog in Oekraïne en de geruchten dat president Poetin een staat van beleg zou afkondigen, waarbij de grenzen dicht zouden gaan, zagen met name jongeren en hoger opgeleiden geen toekomst meer in Rusland. Een steeds groter wordende groep keerde zich bovendien tegen de oorlog, met het risico om daarvoor te worden opgepakt. In korte tijd was de situatie in Rusland ingrijpend veranderd. Steeds meer onafhankelijke nieuwsbronnen waren onbereikbaar en de politie trad hard op tegen iedereen die zich uitsprak tegen de oorlog, of anderszins kritisch was op de overheid. Meedraaien in de samenleving werd ook steeds lastiger. Russen die de oorlog steunden, beschouwden hun landgenoten die tegen de oorlog waren soms als verrader.[457] De Britse nieuwszender BBC berichtte op 13 maart dat ruim 200.000 Russen hun land waren ontvlucht.[523]

Russische ouders zochten naar betaalbare vliegtickets om hun zonen zo snel mogelijk uit het land te krijgen, uit angst voor een algehele mobilisatie.

In West-Europa en de VS waren er in de eerste weken van de oorlog meldingen van russofobie en discriminatie van de Russisch sprekende immigranten uit post-Sovjetstaten.[524][525]

Op de Belgische website stopdeoorlog.wordpress.com werden door verschillende Vlaamse Ruslandkenners anti-oorlogsstatements verzameld van Russische journalisten, sporters en priesters, maar ook van oligarchen, Russische communisten en bekende schrijvers, stuk voor stuk Russen die tussen twee vuren stonden. 'Enerzijds was er een enorme repressie van andersdenkenden in Rusland, anderzijds het idee dat alle Russen achter Poetin staan. Dat is een vreemd huwelijk', aldus Pieter Boulogne, professor Russische literatuur aan de KU Leuven.[526]

Het slechte verloop van de Russische militaire campagne leidde tot het oplaaien van geweld bij een aantal 'bevroren' conflicten tussen landen die binnen de invloedssfeer van Rusland lagen. Begin september werd er opnieuw gevochten op de grens van Armenië en Azerbeidzjan,[527][528] waarbij zeker honderd doden vielen. Ook in de grenszone tussen Kirgizië en Tadzjikistan werd gevochten. Armenië riep de hulp in van het Organisatie voor het Verdrag inzake Collectieve Veiligheid, maar het Russische leger was niet bereid om troepen te sturen. [528]

De invasie gaf aanleiding tot een versterking van de NAVO, een aanzienlijke verhoging van de defensiebudgetten van de leden, en tot het toetreden van twee nieuwe landen – Zweden en Finland – die voorheen een "ongedwongen relatie" hadden met de NAVO[529].

Tijdens de oorlog deden Oekraïense bronnen en onafhankelijke media verslag van mogelijke oorlogsmisdaden zoals geweld tegen de burgerbevolking. Terwijl de Russische woordvoerders al deze berichten bagatelliseerden of als bewuste enscenering wegzetten, pleitten veel landen en organisaties voor een onafhankelijk onderzoek. De Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties was hier enige dagen na het uitbreken van de oorlog mee begonnen.[530] Op verzoek van de Oekraïense regering en met ondersteuning van 39 lidstaten van de VN werd ook een aanklacht bij het Internationaal Strafhof in Den Haag ingediend.[530][531]

Na de ontdekking van de vele gedode burgers in Boetsja riep António Guterres, de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties, op om een gedegen forensisch onderzoek uit te voeren.[530] Ook de OVSE, waarvan de Russische Federatie deel uitmaakt, liet een groep van juridische experts van het Bureau voor Democratische Instituties en Mensenrechten ter plaatse onderzoek doen. In hun verslag stelden de juristen vast dat het niet mogelijk was om te concluderen dat de oorlog als zodanig een uitgebreide en systematische aanval op de Oekraïense burgerbevolking was. Wel werd de omvang van de door het Russische leger aangerichte vernietiging van huizen, ziekenhuizen, cultureel erfgoed, scholen, flatgebouwen, regeringsgebouwen, gevangenissen, politiebureaus, waterpompstations en stroomvoorzieningen veroordeeld. Dit werd gezien als zijnde in tegenspraak met de volgens het Internationaal humanitair recht noodzakelijke onderscheiding van doelen, de proportionaliteit en zorgvuldigheid. Ook werden objectief misdaden, in het kader van het internationaal oorlogsrecht, door beide strijdende partijen vastgesteld, waarbij de misdaden door de Russische Federatie als verreweg groter in aard en omvang werden beoordeeld.[532]

Op 24 februari begon de Russische artillerie met het bombarderen van woonwijken in de stad Marioepol in de oblast Donetsk.[203] Op 25 februari werd volgens Amnesty International een kinderopvang in Ochtyrka in de oblast Soemy geraakt door clustermunitie, waarbij meerdere burgerslachtoffers vielen.[186] Verder maakte Amnesty op 26 februari bekend dat het vier aanvallen op Oekraïense scholen had geverifieerd, waarvan er een al had plaatsgevonden voor het begin van de Russische invasie.[533] Op 28 februari bombardeerden de Russen woonwijken in Charkov, waarbij meerdere instanties vermoedden dat er clustermunitie[534] of vacuümbommen[225] waren ingezet, er vielen tientallen doden.[535] Op 12 juni 2022 meldde Amnesty International, na eigen onderzoek, dat er inderdaad clusterbommen waren gebruikt.[536]

In Borodjanka, in de oblast Kiev, werd op 2 maart een flatgebouw in een woonwijk gebombardeerd.[537] Het dorp Yakovlivka, 20 km ten zuiden van Charkov, werd bijna van de kaart geveegd door een luchtaanval. Voor zover bekend was er in dit dorp geen militair doelwit aanwezig. Bij de aanval zouden zeker drie doden zijn gevallen.[538]

Op 3 maart werd een woonwijk in Tsjernihiv beschoten met raketten, waarbij burgerdoden vielen. Er waren aanwijzingen dat daarbij clustermunitie was gebruikt.[539]

Op 28 februari verklaarde Oksana Markarova, de Oekraïense ambassadeur in de Verenigde Staten, dat Russische troepen een thermobare (vacuüm)bom in Ochtyrka in de oblast Soemy, gebruikten.[540][541] Het internationaal recht verbiedt het gebruik van thermobarische munitie, brandstof-luchtexplosieven of vacuümbommen tegen militaire doelen niet.[542][543] Het gebruik ervan tegen de burgerbevolking kan worden verboden onder de conventie over bepaalde conventionele wapens (CCW) van de Verenigde Naties.[544][545] Markarova beweerde dat het gebruik van thermobarische wapens in strijd is met de Conventies van Genève. De aanval vernietigde een Oekraïense militaire basis, waarbij 70 soldaten omkwamen.[546]

Op 8 maart maakte de ngo Human Rights Watch bekend dat de Russische troepen op 6 maart aanhoudend bombardementen uitvoerden op de overeengekomen evacuatieroutes via de humanitaire corridors, waarbij vluchtende burgers werden gedood.[547]

Op 9 maart werd tijdens een Russische luchtaanval in Marioepol een kraamkliniek verwoest, waarbij zeker drie doden vielen onder wie een kind. In de stad werden de lichamen van omgekomen burgers gedumpt in massagraven.[548][549]

Op 24 maart maakte de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) bekend dat er vanaf het begin van de oorlog op 24 februari tot 22 maart in totaal 64 aanvallen op de Oekraïense gezondheidszorg waren gepleegd, met 15 doden en 37 gewonden tot gevolg. Gewezen werd op de verwoestende impact van de Russische aanvallen op het gehele Oekraïense gezondheidszorgsysteem.[550][551]

Eind maart ging er een filmpje rond op sociale media, waarin het sterk leek alsof Russische krijgsgevangenen in een zuivelfabriek in Charkov zwaar werden mishandeld door Oekraïense soldaten. De echtheid van het filmpje viel niet met zekerheid na te gaan, wel werd geconstateerd dat er kort geleden in een naburig dorp soortgelijke incidenten waren geweest.[552]

Nadat de Russische troepen zich hadden teruggetrokken uit Boetsja, een voorstad van Kiev met ca. 30.000 inwoners, maakte burgemeester Anatoli Fedoroek op 3 april bekend dat er meer dan 300 inwoners van Boetsja om het leven waren gebracht door het Russische leger. Op videobeelden waren tientallen lichamen te zien die op straat lagen. Er werd wereldwijd verontwaardigd gereageerd. De Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken, Dmytro Koeleba, drong erop aan dat de G7-landen zo snel mogelijk met nieuwe sancties tegen Rusland zouden komen.[553][554] Rusland ontkende enige betrokkenheid bij het bloedbad en beschuldigde Oekraïne en de westerse landen van enscenering. De New York Times berichtte echter dat op de satellietbeelden te zien was dat de lichamen er al weken lagen.[555]

In het stadje Motizjin, ten westen van Kiev, werden op 5 april vijf lichamen gevonden achter het huis van burgemeester Olga Soetsjenko. Drie van de slachtoffers waren Soetsjenko, haar man en kind. Inwoners van Motizjin vertelden dat de 50-jarige burgemeester en haar man elke samenwerking met de invasietroepen hadden geweigerd.[556]

Op 30 juni 2022 meldde Amnesty International na uitgebreid onderzoek dat ze concludeerden dat de aanval van het Russische leger op het theater van Marioepol op 16 maart 2022, een duidelijke oorlogsmisdaad was. Zeer waarschijnlijk was Rusland op de hoogte van het gegeven dat honderden mensen hun toevlucht in het theater hadden gezocht, maar bombardeerde het gebouw desondanks toch. Het gebouw was duidelijk herkenbaar en mensen hadden aan twee kanten van het gebouw in grote letters het Russische woord voor ‘kinderen’ geschreven. Russische piloten moeten dat duidelijk hebben gezien, tevens was het goed zichtbaar op satellietbeelden.[557]

In de ochtend van 8 april meldden Oekraïense autoriteiten dat het treinstation in Kramatorsk, in de oblast Donetsk, was getroffen door twee Russische Tochka-U raketten. Op het moment van de aanval waren er duizenden burgers aanwezig in het station, wachtend om te worden geëvacueerd. Bij de aanval vielen volgens de berichten zeker 52 doden, van wie de meesten vrouwen en kinderen waren. Ook raakten er 87 tot 300 mensen gewond.[558][559]

Volgens president Zelensky had Rusland doelbewust aangestuurd op het maken van burgerslachtoffers. De Oekraïense regering vroeg westerse landen om nog meer wapenleveringen en extra sancties tegen Rusland. Rusland ontkende iets met de aanval te maken te hebben en beschuldigde Oekraïne ervan er zelf achter te zitten.[560][561]

Op 27 juni vielen er zeker 20 doden en 59 gewonden door een Russische raketaanval op een winkelcentrum in Krementsjoek.[562] De gouverneur van de regio Poltava sprak van een oorlogsmisdaad door Rusland.[563]

Op 1 juli vielen er zeker 21 doden bij een aanval op een flatgebouw en twee vakantiecentra in Serhiivka in de rajon Bilhorod-Dnistrovskyi, oblast Odessa.[564]

In de ochtend van 14 juli vielen er zeker 23 doden bij een Russische raketaanval op Vinnytsja. Deze stad ligt zuidwestelijk van Kiev, een eind uit de buurt van het gebied in Oekraïne waar de gevechten zich concentreerden. President Zelensky sprak van een daad van "openlijk terrorisme" door Rusland.[565]

Bij een Russische raketaanval op het treinstation van het plaatsje Tsjaplyne (regio Dnipro) op 24 augustus vielen volgens de Oekraïense autoriteiten zeker 25 doden en meer dan 30 gewonden. Volgens een Russische verklaring waren er met de aanval ca. 200 reservisten uitgeschakeld. De Verenigde Staten veroordeelden de aanval als "het zoveelste voorbeeld van wreedheid door Rusland". De Oekraïense regering had reeds vooraf gewaarschuwd voor mogelijke nieuwe Russische aanvallen op die dag, precies een halfjaar na het begin van de Russische invasie en tevens de Oekraïense Onafhankelijkheidsdag.[566][567]

De invasie van Oekraïne werd in strijd bevonden met het Handvest van de Verenigde Naties en vormde een misdrijf van agressie volgens het internationaal strafrecht, wat de mogelijkheid van vervolging onder universele jurisdictie vergrootte. De invasie werd ook gezien als zijnde in strijd met het Statuut van Rome, dat 'de invasie of aanval door de strijdkrachten van een staat op het grondgebied van een andere staat, of enige militaire bezetting, hoe tijdelijk ook, als gevolg van een dergelijke invasie of aanval, of enige annexatie door het gebruik van geweld van het grondgebied van een andere staat of een deel daarvan' verbiedt. Oekraïne heeft het Statuut van Rome nooit geratificeerd en Rusland trok zijn handtekening in 2016 terug.[568]

Oekraïne spande op 25 februari 2022 een rechtszaak aan tegen Rusland bij het Internationaal Gerechtshof (ICJ) wegens het onder valse voorwendselen - de beschuldiging van genocide op de Russischtalige bevolking in Oekraïne - beginnen van een illegale oorlog met verstrekkende gevolgen. Dit was mogelijk omdat zowel Rusland als Oekraïne als partij waren toegetreden tot het Genocideverdrag van 1948.[569] Op 7 maart sloot de hoogste rechtbank van de VN de zitting een dag eerder dan gepland vanwege de Russische boycot. Oekraïense functionarissen zeiden dat Rusland verplicht was gehoor te geven aan wat het gerechtshof zou oordelen.[570] Het ICJ eiste op 16 maart dat Rusland onmiddellijk alle militaire activiteiten in Oekraïne zou staken.[38]

Het Internationaal Strafhof (ICC) spande rechtszaken aan tegen Rusland wegens oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en schending van het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide.[37] Normaal gesproken kan de procedure om een onderzoek in gang te zetten maanden duren. Wegens de uitzonderlijke situatie in Oekraïne werd echter door 39 lidstaten van het hof om spoed verzocht, opdat militairen en politici die oorlogsmisdrijven begaan ter verantwoording konden worden geroepen. In de regel kan de aanklager alleen optreden in landen die zijn aangesloten bij het hof, of die worden doorverwezen door de VN-Veiligheidsraad. Machtige landen als de Verenigde Staten, China en ook Rusland zijn geen lid. Ook Oekraïne is dat niet, maar dit land heeft in 2014 geaccepteerd dat de aanklager een vooronderzoek begon naar aanleiding van de annexatie van de Krim en de oorlog in het oosten van het land. Aanklager Karim Khan concludeerde op basis van dat vooronderzoek dat er reden was om aan te nemen dat er oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid waren gepleegd. De regering in Kiev verklaarde dat de rechtsmacht voor onbepaalde tijd werd verlengd. Het onderzoek was formeel niet tegen Rusland gericht, Khan opende ‘de zaak-Oekraïne’. Ook Oekraïense militairen en anderen die tegen de Russische troepen vechten, kunnen worden vervolgd wegens oorlogsmisdrijven. Politici die opdracht hebben gegeven tot misdrijven kunnen eveneens worden vervolgd, als hun verantwoordelijkheid kan worden bewezen. Daarmee komt op de eerste plaats de Russische president Poetin in beeld.[571][572]

Eind maart richtten Polen, Litouwen en Oekraïne een Joint Investigation Team (JIT) op, dat de Russische oorlogsmisdaden in Oekraïne middels samenwerking tussen de landen beter moest onderzoeken. Het team werd gesteund door Eurojust.[573] Op 25 april werd bekend dat ook het Internationaal Strafhof zich aansloot bij het JIT.[362]

Op 14 juli kwamen de afgevaardigden van ca. 50 landen bijeen in Den Haag voor een top over de oorlog in Oekraïne. Gesproken werd over het opvolgen en vervolgen van degenen die zich schuldig maakten aan oorlogsmisdaden. Oekraïne pleitte voor de oprichting van een speciaal tribunaal dat Russische oorlogsmisdadigers zou berechten. Volgens de Oekraïense justitie waren er sinds het begin van de oorlog zo'n 23.000 meldingen van oorlogsmisdaden gedaan, en hier kwamen dagelijks enkele honderden nieuwe meldingen bij.[574]

Gedurende de eerste paar dagen nadat Rusland Oekraïne was binnengevallen legde een groot aantal landen, waaronder de Verenigde Staten, Canada, Australië, Japan en de Europese Unie, nieuwe economische sanctiemaatregelen op aan Rusland. President Poetin en minister van Buitenlandse Zaken Lavrov werden een dag na het begin van de invasie op de sanctielijst van de EU geplaatst en hun Europese tegoeden werden bevroren.[575] In de VS werd de Putin Accountability Act[576] door het congres bekrachtigd, hierin werden sancties tegen de Russische Federatie en tegen Poetin en diens getrouwen vastgelegd.

Op 26 februari maakte de voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, bekend dat een deel van de Russische banken de toegang tot het internationale betalingssysteem SWIFT zouden verliezen.[577] Behalve de EU namen ook de VS, Canada en het Verenigd Koninkrijk deze maatregel.[578][579] Dit betekende dat deze Russische banken feitelijk (bijna) geen internationale betalingen meer konden doen. De grootste Russische (staats)bank Sberbank, genoteerd aan de beurzen in Londen, Frankfurt en Moskou, noteerde op 28 februari 2022 een koers rond de 1,30 dollar, terwijl dat op 16 februari nog rond de 15,- dollar was. Verder werden de tegoeden van de Centrale Bank van Rusland in de EU, de VS, het VK en Canada – omgerekend zo'n 600 miljard euro – bevroren. Volgens Von der Leyen moest hiermee worden voorkomen dat de oorlog in Oekraïne verder werd gefinancierd door Poetin. Het was de eerste keer ooit dat een dergelijke maatregel werd genomen tegen de centrale bank van een G20-land.[580][581] Zwitserland nam de twee sanctiepakketten van de EU over.[582]

Op 25 februari werd Rusland geschorst als lid van de Raad van Europa.[583] Hierdoor mochten Russische vertegenwoordigers niet meer deelnemen aan de ministerraad en de parlementaire vergadering. Op 16 maart werd Rusland helemaal uit de RvE gezet.[584]

Op 7 april werd Rusland ook geschorst uit de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties (UNHRC), nadat de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties hierover een resolutie had aangenomen.[585]

Veel landen, waaronder het VK, Letland, Estland, Polen, Tsjechië en Duitsland, sloten kort na het begin van de invasie op 24 februari, hun luchtruim geheel af voor Rusland. Als tegenreactie weerde Rusland ook de vliegtuigmaatschappijen van de betreffende landen.[586] Op 25 februari kondigde de Amerikaanse luchtvaartmaatschappij Delta Air Lines aan de banden met Aeroflot op te schorten. Op 27 februari sloot Nederland het luchtruim voor Russische vliegtuigen.[587] Diezelfde dag werd bekend dat de EU haar gehele luchtruim voor Russische vliegtuigen af zou sluiten.[588] Op 28 februari sloot Rusland, als tegenmaatregel, het luchtruim voor 36 landen uit de EU en Canada. Op 2 maart sloot ook de VS het luchtruim voor alle Russische vliegtuigen.

Op 24 februari 2022 diende Oekraïne bij Turkije het verzoek in om geen Russische marineschepen meer door de Bosporus te laten passeren, overeenkomstig het Verdrag van Montreux. Vier dagen later, nadat Turkije de invasie officieel als oorlog bestempeld had, werd dit verzoek gehonoreerd. Het door de Russische Federatie ingediende verzoek tot passage van vier marineschepen, waaronder het fregat Admiral Kasatonov met plaats voor 32 3M-54 Kalibr-kruisraketten, werd afgewezen.[589]

Diverse grote evenementen die in Rusland waren gepland werden verplaatst naar een ander land of afgelast, waaronder het Wereldkampioenschap motorcross[578]. De FIA besloot om zich terug te trekken uit Rusland, wat het einde betekende van de Russische Grand Prix.[590] Ook de Champions League-finale die op 28 mei 2022 gepland stond in Sint-Petersburg, werd verplaatst naar Parijs[591] en het WK volleybal mannen dat gepland stond van 26 augustus tot en met 11 september werd verplaatst naar Polen en Slovenië. Op 28 februari schorsten Wereldvoetbalbond FIFA en de Europese voetbalbond UEFA de Russische teams en nationale ploegen. Voor Rusland dreigde hierdoor volledige uitsluiting van het WK voetbal.[592] Op 18 maart besloot het sporttribunaal CAS dat Rusland definitief niet mee mocht doen aan het WK voetbal.[593] Ook mocht Rusland niet meedoen aan het EK vrouwenvoetbal in Engeland, ondanks het feit dat het zich hiervoor had gekwalificeerd via de play-offs. Het werd vervangen door Portugal.

Rusland werd tevens uitgesloten van de 66e editie van het Eurovisiesongfestival. Tijdens deze editie werd Oekraïne vertegenwoordigd door Kalush Orchestra, met het nummer Stefania. Het werd al snel een strijdlied in Oekraïne. Op 15 mei 2022 won Oekraïne het Eurovisiesongfestival, dat dit keer in het teken stond van vrede en verbinding.[594][595]

Ook tegen Wit-Rusland werden, na het begin van de invasie, sancties afgekondigd vanwege het actief steunen van de Russische oorlog in Oekraïne. Wit-Rusland kreeg op 27 februari een exportverbod voor onder andere tabak, hout, ijzer, staal en cement. Goederen die ook militaire doeleinden konden dienen, mochten niet meer aan het land worden verkocht. Verder konden Wit-Russen die Rusland zouden helpen bij de oorlog tegen Oekraïne, persoonlijke sancties verwachten.[596]

Op 7 april werden de EU-landen het eens over een nieuw pakket strafmaatregelen tegen Rusland, het vijfde, met als rechtstreekse aanleiding het bloedbad van Boetsja. Behoudens enkele uitzonderingen (zoals schepen die medicijnen en humanitaire hulp leveren) werd alle schepen onder Russische vlag de toegang tot havens binnen de EU ontzegd. Ook wegtransporteurs uit Rusland en Wit-Rusland zouden door de EU worden geweerd, behoudens dezelfde uitzonderingen. Er kwam bovendien een verbod op de import van Russische steenkool. Dit verbod zou vanaf half augustus in gaan, zodat de EU-landen zich er op konden voorbereiden.

Verder werden er 217 nieuwe personen toegevoegd aan de lijst van gesanctioneerde Russen. Onder hen waren de twee dochters van president Poetin, Maria en Katerina, en Herman Gref, de voormalige Russische minister van Economische Ontwikkeling en tevens bestuursvoorzitter van Sberbank.[597][598]

Op 27 februari reageerde Poetin op de sancties en op wat hij 'agressieve verklaringen van westerse regeringen' noemde, door het bevel om de 'ontradingsmacht' (nucleaire wapens) van het Russische leger in de hoogste staat van paraatheid te brengen.[599][600][601]

In februari 2022 waren er MiG-31's met Kh-47M2 Kinzhal-raketten, mogelijk met kernkoppen, van vliegbasis Soltsy-2 in oblast Novgorod naar vliegbasis Tsjernjachovsk in de westelijke exclave oblast Kaliningrad overgevlogen.[602][603]

Eind april 2022 verkondigde een Russische staatszender op televisie dat een RS-28 Sarmat-kernraket vanuit Kaliningrad in 202 seconden Berlijn, London en Parijs kon vernietigen.[604]

Veel bedrijven en organisaties kozen ervoor om vrijwillig de Russische of Wit-Russische markten te verlaten.[605] De boycots hadden gevolgen voor veel organisaties voor consumptiegoederen, amusement, onderwijs, technologie en sport. Als gevolg van de sancties verschoven de Russische oligarchen honderden miljoenen dollars naar landen die geen sancties hadden opgelegd, zoals de Verenigde Arabische Emiraten.[606]

Vrijwel meteen na het begin van de invasie gingen de olie- en gasprijzen flink omhoog. Verwacht werd dat ook de voedselprijzen zouden stijgen.[607][608] Zonnebloemolie, graan en maïs werden schaarser in heel Europa.

De roebel daalde, meteen nadat de voornoemde sancties tegen Rusland waren ingesteld, sterk in waarde. In reactie haalden mensen massaal hun geld van de banken.[609] Om de (verwachte) inflatie te beteugelen en een bankrun te voorkomen, verhoogde de Centrale Bank van Rusland op 27 februari 2022 de rente tot 20%.[610] Vervolgens stabiliseerde de roebel zich rond het niveau van de oorspronkelijke wisselkoers.

President Poetin deed, in reactie op de voornoemde sancties, op 23 maart een oproep aan onder meer alle EU-landen, de VS en het Verenigd Koninkrijk om via een nieuwe financiële constructie voortaan in roebels af te rekenen voor Russisch aardgas. Toen hieraan door de betrokken landen geen gehoor werd gegeven, begon de Russische gasleverancier Gazprom vanaf eind april met het stopzetten van de toevoer naar Europese landen, als eerste die naar Polen en Bulgarije.[611] Op 22 mei stopte Gazprom ook met de levering van gas aan buurland Finland, nadat dit land kort daarvoor een aanvraag tot het NAVO-lidmaatschap had ingediend en bovendien ook weigerde om via de nieuwe constructie te gaan betalen.[612] Eind mei stopte Gazprom tevens met het leveren van gas aan het grootste Nederlandse gasbedrijf, GasTerra.[613]

Vanuit het Westen werd de inval van Rusland in Oekraïne direct breed veroordeeld. Politieke leiders kondigden aan dat deze daad niet onbeantwoord zou blijven en kondigden sancties aan.[614][615][616]

China hield zich na het begin van de invasie in eerste instantie afzijdig. Op 18 maart meldden de Chinese staatsmedia dat president Xi Jinping in een online overleg tegen zijn Amerikaanse ambtsgenoot Joe Biden had gezegd dat conflicten zoals de oorlog in Oekraïne in niemands belang zijn. 'De Oekraïnecrisis is iets wat we niet willen zien', aldus Xi.[617]

Enkele dagen na de invasie, op 28 februari 2022, kwam de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (UNGA) bijeen in een spoedsessie – de elfde in de gehele geschiedenis van haar bestaan. In een resolutie werd de invasie veroordeeld en werd Rusland opgeroepen zijn troepen terug te trekken uit Oekraïne en de erkenning van de twee zelfverklaarde volksrepublieken terug te draaien. Deze resolutie werd door 141 van de 193 landen die lid zijn van de VN ondersteund, tegenover 5 tegenstemmen (Rusland, Wit-Rusland, Eritrea, Noord-Korea en Syrië), 35 onthoudingen en 12 afwezigen.[618]

Omdat Rusland in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties (UNSC) vetorecht heeft als permanent lid, kon het een aldaar voorgestelde resolutie waarin de Oekraïense invasie eveneens werd veroordeeld blokkeren.[619]

Op 24 maart kwamen de regeringsleiders van de 30 NAVO-lidstaten in Brussel bij elkaar voor een eerste speciale top over de oorlog. De landen spraken onder meer af om zich beter voor te bereiden op een eventuele aanval door Rusland met chemische, biologische en kernwapens. Ook zouden er extra troepen naar de oostelijke NAVO-lidstaten gaan, die dicht bij Rusland liggen.[620]

Op 26 april kwamen er op vliegbasis Ramstein, in het zuidwesten van Duitsland, onder leiding van de VS meer dan 40 landen bij elkaar om te praten over de vorming van een duurzame coalitie om economische steun te verlenen, samen met militaire voorraden en Oekraïne te helpen zich voor te bereiden op de komende strijd en voor een mogelijk tegenoffensief tegen Rusland. Besloten werd onder meer dat Duitsland voor het eerst zware wapens naar Oekraïne zou sturen.[490][491]

De relatie tussen de EU en Oekraïne had zich in de jaren voor de Russische inval gekenmerkt door een wisselwerking van pro-Europese en pro-Russische krachten in Oekraïne. De geplande ondertekening van de associatieovereenkomst in november 2013 kwam door toedoen van de pro-Russische Oekraïense president Viktor Janoekovytsj niet tot stand. Dit was de aanleiding voor de grootschalige Euromaidanprotesten en aansluitend de Revolutie van de Waardigheid. De overeenkomst werd uiteindelijk in 2014 ondertekend en kwam in 2017 tot stand. Hierdoor werd Oekraïne feitelijk deel van de EU-vrijhandelszone. Ook werd Oekraïense direct betrokken in het Gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid van de EU.[621]

De afkeurende reactie van de EU op de oorlog was direct na de Russische inval unaniem. In de weken na de inval werd duidelijk dat voor het overgaan tot verschillende maatregelen tegen Rusland er tussen de EU-lidstaten verschil van mening heerste. Zowel door de instelling van politici als ook door de afhankelijkheid van verschillende landen van Russisch gas.

Op 26 februari 2022 sprak president Zelensky uitdrukkelijk de wens naar een officieel EU-lidmaatschap uit.[622] Twee dagen later volgde de schriftelijke aanvraag. Na een toespraak van de Oekraïense president in het Europees parlement, sprak het parlement zich met een overweldigende meerderheid voor een lidmaatschap uit. Op 8 april 2022 overhandigde voorzitter Ursula von der Leyen de vragenlijst om lid te worden van de EU aan president Zelensky.[623]

De Oostenrijkse bondskanselier Karl Nehammer had op 11 april een persoonlijke ontmoeting met president Poetin in diens residentie over de situatie in Oekraïne. Nehammer bracht na afloop van het gesprek weinig naar buiten over het resultaat, wel zei hij dat het 'geen vriendelijke ontmoeting' was geweest.[624]

Op 26 april had VN-secretaris-generaal Antonio Guterres een persoonlijk onderhoud met Poetin. De Russische president zou zich daarbij bereid hebben verklaard om mee te werken aan het alsnog mogelijk maken van een evacuatie van de belegerde burgers in de Azovstal-fabriek in Marioepol.[625] Een dag later had Guterres ook een persoonlijke ontmoeting met president Zelensky in Kiev. Op vrijwel datzelfde moment vuurde Rusland twee raketten af op de stad, waarbij een flatgebouw werd getroffen. Een journaliste die werkte voor Radio Free Europe kwam om het leven.[626][627]

Op 27 februari 2022 stemde Oekraïne ermee in om bij de Wit-Russische grens vredesonderhandelingen met Rusland aan te gaan.[628] De volgende dag begonnen Rusland en Oekraïne op een geheime locatie in Homel aan de onderhandelingen.[629][630] De Russische oligarch, Roman Abramovitsj, was daarbij aanwezig op Oekraïens verzoek; hij geldt als een goede bekende van Poetin. De hoofdpersonen Poetin en Zelensky waren afwezig.[631][632]

Op 7 maart eiste het Kremlin als voorwaarde voor het beëindigen van de invasie de neutraliteit van Oekraïne, erkenning van de Krim als Russisch grondgebied, en erkenning van de zelfverklaarde separatistische republieken Donetsk en Loegansk als onafhankelijke staten.[634] Dezelfde dag kondigde Rusland een tijdelijk staakt-het-vuren af in Kiev, Soemy en twee andere steden. Op 8 maart stelde Zelensky een directe ontmoeting met Poetin voor om de invasie te beëindigen en sprak de bereidheid uit om Poetin's eisen te bespreken. Zelensky zei dat hij klaar was voor een dialoog, maar niet voor capitulatie. Hij stelde een nieuwe collectieve veiligheidsovereenkomst voor samen met de VS, Turkije, Frankrijk, Duitsland en Rusland als alternatief voor het NAVO-lidmaatschap. Zelensky's partij Dienaar van het Volk verklaarde dat Oekraïne de Krim, Donetsk en Loehansk niet zou opgeven.[635]

Op 10 maart hadden de ministers van Buitenlandse Zaken van Rusland en Oekraïne, Sergej Lavrov en Dmytro Koeleba in Antalya, Turkije een ontmoeting met de Turkse minister van Buitenlandse Zaken, Mevlüt Çavuşoğlu, die bemiddelde in het kader van het Antalya Diplomacy Forum. Het was het eerste contact op hoog niveau tussen de twee partijen sinds het begin van de invasie.[636] Vanaf 14 maart liepen de onderhandelingen via videoconferenties. Op 15 maart, terwijl de vierde gespreksronde plaatsvond, suggereerde Zelensky dat Oekraïne Poetin's eis, dat het land geen NAVO-lidmaatschap zou nastreven, zou accepteren. Op 17 maart meldde de Financial Times dat de onderhandelingen met Rusland over een 15-puntenplan, door Zelensky werd geïdentificeerd als een realistischere kans om de oorlog te beëindigen dan de eerdere onderhandelingen. Mykhailo Podolyak, de hoofdonderhandelaar voor de Oekraïense vredesdelegatie legde uit wat het 15-puntenplan onder andere in zou houden: een staakt-het-vuren, de terugtrekking van Russische troepen uit hun geavanceerde posities in Oekraïne, samen met internationale veiligheidsgaranties voor militaire steun en alliantie in het geval van hernieuwde Russische militaire acties in ruil voor het niet verder nastreven van NAVO-lidmaatschap door Oekraïne. Volgens Oekraïne was dit alleen mogelijk via een directe dialoog tussen Zelensky en Poetin. Wanneer er een overleg zou komen, dan waren de belangrijkste gesprekspunten: de aanwezigheid van Russische troepen in Oost-Oekraïne na de oorlog en waar de grenzen zouden zijn.[637][638]

Tijdens een ontmoeting met minister Koeleba op 17 maart in Oekraïne herhaalde minister Çavuşoğlu zijn steun aan Oekraïne. Ook onthulde Çavuşoğlu plannen voor een collectieve veiligheidsovereenkomst voor Oekraïne, waarbij de VS, Rusland, het VK, Frankrijk, Duitsland en Turkije betrokken zouden zijn. Hij zei dat er in Turkije een persoonlijke ontmoeting tussen Poetin en Zelensky zou kunnen plaatsvinden, en verklaarde dat 'de hoop op een staakt-het-vuren was toegenomen'.[639][640] Kort daarna waarschuwde de Franse minister van Buitenlandse Zaken, Jean-Yves Le Drian, nadat hij informatie had verkregen, dat Rusland slechts deed alsof het onderhandelde, in overeenstemming met een strategie die het land elders al eens had gebruikt.[641]

Op 20 maart zei Kremlin-woordvoerder, Dmitry Peskov, dat er geen significante vooruitgang was geboekt in de vredesbesprekingen, waarbij Rusland Oekraïne ervan beschuldigde de vredesbesprekingen te vertragen door voorstellen onaanvaardbaar te maken voor Rusland. Aan de andere kant herhaalde Oekraïne dat het bereid was te onderhandelen, maar geen Russische ultimatums zou accepteren.[642]

Op 29 maart werden de onderhandelingen tussen Russische en Oekraïense delegaties hervat op neutraal terrein in Istanboel.[643]

Vrijwel meteen vanaf het begin van de invasie van Oekraïne werden er op allerlei plekken in de wereld protesten gehouden, vooral tegen Rusland en ter ondersteuning van Oekraïne.[646][647] In Praag, Tsjechië protesteerden ongeveer 80.000 mensen op het Wenceslasplein.[648] Op 27 februari kwamen meer dan 100.000 mensen bijeen in Berlijn, Duitsland.[649] Op 28 februari verzamelden zich in Keulen, Duitsland meer dan 250.000 mensen in een vredesmars om te protesteren tegen de Russische invasie;[650] veel demonstranten gebruikten de slogan: 'Glorie aan Oekraïne'[651]

Ook in tientallen Russische steden protesteerden mensen, waarbij de politie meteen optrad en grootschalige arrestaties verrichtte.[652][653] Volgens non-profitorganisatie OVD-Info werden er op 24 februari bijna 2.000 Russen in 60 steden door de Russische politie aangehouden omdat ze protesteerden tegen de invasie;[654] op 6 maart meldde de organisatie dat er in totaal meer dan 13.000 demonstranten waren gearresteerd,[655] met meer dan 5.000 gedetineerden die dag.[656] Het Russische ministerie van Binnenlandse Zaken rechtvaardigde deze arrestaties vanwege de 'coronavirusbeperkingen, ook op openbare evenementen' die nog steeds van kracht waren. Russische autoriteiten waarschuwden Russen voor de juridische gevolgen voor deelname aan anti-oorlogsprotesten.[657]

Bij stembureaus in Minsk in Wit-Rusland scandeerden demonstranten, tijdens het grondwettelijke referendum: 'Nee tegen oorlog!'[658]

De winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede Dmitry Moeratov kondigde aan dat de Russische krant Novaja Gazeta de volgende editie in zowel het Oekraïens als in het Russisch zou publiceren. Moeratov, journalist Mikhail Zygar, regisseur Vladimir Mirzoyev en anderen ondertekenden een document waarin stond dat Oekraïne geen bedreiging vormde voor Rusland met een oproep aan de Russische bevolking om de oorlog aan de kaak te stellen.[659] Elena Tsjernenko, journaliste bij het Russische dagblad Kommersant, verspreidde een kritische open brief ondertekend door 170 journalisten en academici.[660]

Marina Ovsjannikova, een redacteur van het Russische journaal op staatstelevisiezender Pervyj kanal, verscheen op 14 maart 2022 tijdens een live uitzending achter de presentator in beeld met een protestbord met een boodschap in het Russisch: 'Stop de oorlog. Geloof niet in de propaganda. Hier wordt tegen u gelogen.' Ook riep ze: 'stop de oorlog!' In een vooraf opgenomen video, die via sociale media werd verspreid, stelde ze dat ze zich schaamde voor haar jarenlange deelname aan het verspreiden van Russische propaganda. Ze riep mensen op om te gaan demonstreren: 'Ze kunnen ons niet allemaal opsluiten.' Ovsjannikova werd naar aanleiding van haar actie gearresteerd. Na haar vrijlating kreeg ze twee geldboetes.[661][662]

Op 9 mei 2022, de Dag van de Overwinning, verschenen er op de regeringsgezinde Russische nieuwssite Lenta.ru zo'n 20 artikelen waarin Poetin en de oorlog in Oekraïne sterk werden veroordeeld. Het bleek een actie van de Russische journalisten Jegor Poljakov en Aleksandra Mirosjnikova, die tot aan het protest werkzaam waren bij Lenta. De teksten waren na twintig minuten van de website verdwenen, maar wel gearchiveerd. Poljakov en Mirosjnikova waren op dat moment niet meer in Rusland en op zoek naar politiek asiel. Op dezelfde dag verscheen er in menu's van Russische smart-tv's een bericht tegen de oorlog, waarin de Russen werd verteld dat 'het bloed van duizenden Oekraïners en honderden vermoorde kinderen aan hun handen kleefde'.[663]

Elon Musk kondigde op 26 februari 2022 aan dat hij de Starlink-internetservice in Oekraïne had geactiveerd, omdat het land te maken had met stroomstoringen en storingen in de internetvoorziening als gevolg van de Russische invasie.[664] Apparatuur die nodig is om Starlink te gebruiken, arriveerde op 1 maart 2022 in Kiev.[665]

Op 27 februari blokkeerde Google in Oekraïne de Android-app van de Russische tv-zender RT, op verzoek van de Oekraïense regering. Ook sommige Russische YouTubekanalen werden in Oekraïne geblokkeerd. Meta Platforms blokkeerde de accounts van sommige Russische staatsmedia.[666]

Tijdens de invasie werden berichten, video's, foto's en audio-opnamen gedeeld via sociale media, nieuwssites en door vrienden en families van Oekraïense en Russische burgers. Hoewel veel beelden van het conflict authentiek en uit de eerste hand waren, zaten er ook beelden bij van andere conflicten en gebeurtenissen uit het verleden of anderszins misleidende foto's en video's. Sommigen hiervan waren gemaakt om desinformatie of propaganda te verspreiden. Waarnemers hebben kritiek geuit op de manier waarop het lijden van Oekraïne door de westerse media in beeld werd gebracht als iets anders dan het lijden in oorlogen in landen als Afghanistan, Ethiopië, Irak, Libië, Palestina, Syrië en Jemen.[667][668]

Oekraïense functionarissen overspoelden de wereld met hun berichten en gebruikten sociale media om de steun tegen de invasie te versterken en om informatie naar de wereld en hun burgers te verspreiden. Gerichte berichten en video's werden ook gebruikt als wervingsacties voor internationale hulp en soldaten. Deze methode werd door sommigen bestempeld als heilzaam.[669] Verschillende academici, waaronder professoren Rob Danish en Timothy Naftali, benadrukten de spreekvaardigheid van president Zelensky en zijn vermogen om sociale media te manipuleren om informatie te verspreiden en gevoelens van schaamte en bezorgdheid aan te spreken, terwijl hij verwantschap opbouwde met de kijker.[670] Aanvullende up-to-date informatie over de Russische invasie werd verspreid door online activisten, journalisten, politici en leden van de burgerbevolking, zowel binnen als buiten Oekraïne.[671]

Via een videoverbinding sprak Zelensky binnen enkele weken de parlementen van meerdere landen toe, in de hoop de internationale bereidheid om Oekraïne steun te bieden te vergroten. Ook richtte Zelensky zich in enkele toespraken tot het Europees Parlement en de NAVO.[672] Op 31 maart hield hij als eerste buitenlandse staatshoofd in de Nederlandse geschiedenis een toespraak tijdens een formele vergadering van de Tweede Kamer. Dit was tijdens de oorlog zijn veertiende speech gericht aan een parlement.[673] Op 5 april eiste Zelensky in een videotoespraak dat de VN-Veiligheidsraad actie tegen Rusland zou ondernemen. Hij hekelde het vetorecht dat Rusland als permanent lid binnen deze organisatie genoot, en vond dat de VN-Veiligheidsraad zichzelf moest hervormen of anders beter kon worden opgeheven.[674]

Voor de gemiddelde Rus bleven er, sinds het begin van de invasie, naast de Russische staatsmedia weinig andere informatiebronnen over. Het Kremlin probeerde iedere vorm van twijfel onder de Russische bevolking over de invasie van Oekraïne te voorkomen door de informatievoorziening onder controle te houden. De Russische censor en mediawaakhond Roskomnadzor dreigde de Russische versie van Wikipedia te blokkeren. Wikipedia kreeg de waarschuwing vanwege 'illegaal gedistribueerde informatie' in een artikel over de Russische invasie van Oekraïne.[675] Op 16 maart blokkeerde Roskomnadzor de toegang tot 32 binnenlandse en buitenlandse nieuwssites. De impact werd nog eens versterkt doordat ook sociale media als Facebook, Instagram en Twitter in Rusland werden geblokkeerd. Alleen diegenen die gebruikmaakten van een VPN konden nog op geblokkeerde sites terecht. Dit betekende echter voor het merendeel van de oudere of minder technisch onderlegde Russen simpelweg een nog verdere inperking van hun informatievoorziening.[676]

De Russische Federatie verspreidt propaganda die standpunten, percepties of agenda's van de regering van Rusland promoot. Dit omvat door de staat gerunde televisie, radio en online technologie[678] en kan gebruik maken van Sovjet-propaganda als een element van moderne Russische politieke oorlogsvoering.[679] Hedendaagse Russische propaganda richt zich op het promoten van een persoonlijkheidscultus rond Vladimir Poetin. De Russische regering mengde zich actief in debatten over de Sovjetgeschiedenis;[680] Rusland richtte een aantal organisaties op, zoals de Presidentiële Commissie van de Russische Federatie tegen pogingen om de geschiedenis te vervalsen ten koste van de belangen van Rusland en de Russische webbrigades en anderen die zich bezighielden met politieke propaganda om de standpunten van de regering van Poetin te promoten.

Om de invasie in Oekraïne aan de Russische bevolking te verkopen als een gerechtvaardigde actie ter zelfverdediging van Rusland, werden alle berichten die niet strookten met deze zienswijze gecensureerd. De Russische tv-presentator Evgeni Popov beweerde op 21 februari 2022 tegenover de kijkers dat het juist Oekraïne was dat aan Rusland en de Donbas-regio de oorlog zou hebben verklaard.[253]

Op 30 mei zei de presentatrice Olga Skabejeva op de Russische staatstelevisie dat de 'speciale operatie' van Rusland in Oekraïne tot een einde was gekomen en dat de Derde Wereldoorlog was begonnen. Rusland zou volgens haar nu de NAVO moeten 'demilitariseren'.[681]

Kenners van de Russische propagandatactieken zagen al vanaf november 2021 een toename van het aantal negatieve berichten over Oekraïne, wat er mogelijk op wijst dat Poetin al maanden voorafgaand aan het daadwerkelijke begin van de invasie aankoerste op een veroveringsoorlog. Zo constateerde het onderzoekscollectief Logically dat honderden pro-Russische sociale-mediakanalen ineens het bericht dat de Oekraïense regering uit neonazi’s bestond gingen verspreiden. Keir Giles, een Rusland-expert die voor de NAVO onderzoek deed naar Russische desinformatie, zei tegen de BBC dat 'Rusland erg gretig was om zijn tegenstanders in Europa als nazi’s te brandmerken'. Rusland had eerder ook de Baltische staten al eens als nazistische bolwerken afgeschilderd.

De internationale Russische tv-zender Russia Today (RT), die onder andere Engels- en Spaanstalige uitzendingen in het buitenland verzorgt, beweerde op 20 februari 2022, zonder enig bewijs, dat Oekraïne de pro-Russische separatisten in de Donbas-regio zou willen 'vergassen'. Poetin zelf haakte hierop in tijdens de televisietoespraak waarin hij de rebellenregio’s Donetsk en Loegansk als onafhankelijke republieken erkende: 'Wat nu in de Donbas gebeurt, is volkerenmoord.' Poetin riep het Oekraïense leger op de regering-Zelensky omver te werpen. Rusland zou namelijk gemakkelijker tot een akkoord kunnen komen met een nieuw regime dan met 'deze bende drugsverslaafden en neonazi’s'.[253]

Om het moreel in Oekraïne te ondermijnen, verspreidde Rusland via Telegram, een populair sociale-mediaplatform in het voormalige Oostblok, valse berichten over een veronderstelde vlotte opmars van het Russische leger in Oekraïne. Diverse steden zouden al zijn ingenomen, de Russen zouden minimale tegenstand ondervinden en de Oekraïense president Zelensky zou al op de eerste dag van de invasie naar het buitenland zijn gevlucht. Sociale-mediakanalen die niet onder controle van het Kremlin stonden, zoals Facebook, en Twitter, werden door hackers selectief afgeknepen om de verspreiding van anti-Russische berichten te bemoeilijken.

De Russische regering dreigde de weinige kritische media in eigen land, zoals de krant Novaja Gazeta, die na de invasie zijn Russische en Oekraïense edities opende met de kop 'Rusland bombardeert Oekraïne', met een publicatieverbod. Er werd een officieel gebod ingevoerd om alleen Kremlin-bronnen voor de berichtgeving te gebruiken en in geen geval agressieve woorden als: aanval, invasie en oorlog; voor het publiceren van 'leugens' stond een gevangenisstraf van vijftien jaar. Later werd de persvrijheid nog meer ingeperkt, waardoor er na een paar weken geen onafhankelijke media meer vanuit Rusland opereerde. Wie in Rusland nog aan onafhankelijke informatie wilde komen, moest de digitale sluiproutes kennen.

Medio maart werd er onder de nieuwe mediawet voor het eerst een strafzaak geopend tegen een Russische blogger wegens 'valse informatie' over Oekraïne. Op 23 maart werd de eerste journalist opgeroepen om zich in de rechtszaal te verantwoorden voor het publiceren van 'leugens' over de invasie van Oekraïne. De populaire verslaggever en commentator Aleksandr Nevzorov had volgens Moskou 'nepnieuws' verspreid over het Russische leger dat doelbewust Oekraïense burgers zou bombarderen.[682]

Uit een gelekte interne mail van Google in handen van The Intercept op 28 maart bleek dat Russische vertalers van Googleproducten de oorlog in Oekraïne geen oorlog mochten noemen, maar enkel 'uitzonderlijke omstandigheden' om aan de nieuwe Russische wet te voldoen. Google stelde dat het zijn lokale medewerkers wilde beschermen.[683]

Denis Poesjilin, hoofd van de zelfverklaarde volksrepubliek Donetsk, heeft op 22 juli 2022 via zijn Telegram-kanaal bekend gemaakt de Google-zoekmachine te blokkeren in de bezette gebieden.[684] De separatistische leider beschuldigde Google ervan 'geweld tegen alle Russen' aan te moedigen, en zei dat wanneer 'Google zou stoppen met haar criminele beleid er geen reden meer zou zijn voor de blokkade'. De pro-Russische gebieden volgden Rusland al eerder in het blokkeren van Facebook en Instagram.

De Russische propaganda bestempelde Oekraïne tot een duivelse agressor waartegen Rusland zich moest verdedigen. Een meerderheid van de Russen, die weinig andere informatiebronnen hadden dan door de staat gecontroleerde televisie- en radiozenders en socialemediakanalen, geloofden dit verhaal. Denis Volkov, de directeur van het grootste onafhankelijke peilingbureau in Rusland, zei tegen persbureau AP dat meer dan de helft van de Russen achter Poetins militaire optreden stond: 'De meerderheid denkt dat de westerse wereld Oekraïne onder druk zet om de Donbas-regio aan te vallen, en dat Rusland de separatisten moet helpen.'

The Washington Post publiceerde op 29 april 2022 een interview met voormalig ingewijde van het Kremlin, Sergei Pugasjev, die zei dat het slechts een kwestie van tijd was voordat de Russen de propaganda van hun president over de oorlog in Oekraïne zouden doorzien: 'Binnen drie maanden zullen de winkels en fabrieken door hun voorraden heen zijn en zal de omvang van het aantal doden binnen het Russische leger tijdens de oorlog duidelijk worden.'[685]

Vladimir Ashurkov, de directeur van de anti-corruptiestichting van de gevangen gezette Russische oppositieleider Aleksej Navalny, zei in een interview met The Washington Post dat 'het begin van het einde van Poetin' al enige tijd bezig was. Hij was er naar eigen zeggen zeker van dat veel mensen in Rusland en daarbuiten zeer teleurgesteld waren in Poetin vanwege de oorlog, die de levensstijl van de politieke en economische elite van Rusland en hun fortuin sterk had aangetast.[686]

De letters Z en (in mindere mate) V werden na het begin van de invasie in korte tijd de symbolen bij uitstek van de Russische strijdkrachten. Het symbool Z is te zien op Russische militaire voertuigen en wordt daarnaast veel gebruikt door mensen die hun steun aan de invasie willen betuigen.

Drie wetenschappers verklaarden begin maart 2022 tijdens een toespraak in het Europees Parlement dat niet alleen Rusland, maar ook China ongefundeerde verhalen verspreidde over 'Amerikaanse biolabs' in Oekraïne. Rusland en China zouden het hebben voorzien op de Europese publieke opinie, waarbij desinformatie vanuit Rusland ook in China belandde. Er werd geadviseerd om tegen zowel Russische als Chinese desinformatie stevig op te treden. De Spaanse hoogleraar Nicolás de Pedro legde de tactiek uit waarbij een verhaal met een klein stukje waarheid werd omgeven met allerlei vage geruchten: 'Zo zijn er in Oekraïne net als elders op de wereld inderdaad laboratoria. Maar dat het coronavirus daaruit afkomstig zou zijn is een daaraan geplakt verzinsel, of dat daar biologische wapens gemaakt zouden worden.' Hij adviseerde de EU om de geruchten te ontkrachten met echte feiten.

Werknemers van de Europese website EUvsdisinfo onderscheiden in zoveel mogelijk Europese talen fictie van waarheid. Het Europees Parlement besloot om de uitzendlicenties van de Russische zenders Sputnik en RT in te trekken en hun websites te sluiten. Volgens de onderzoekers zou desinformatie haar weg echter nog steeds vinden via andere kanalen, waaronder Chinese. Er werd op gewezen dat het bereik van de Brusselse informatie vele malen kleiner is dan dat van de Russen en de Chinezen, die ook de beschikking hebben over allerlei 'agenten' in het publieke debat. 'Ze hebben in alle Europese lidstaten Trojaanse paarden,' zei De Pedro, 'mensen die hun boodschap verspreiden; politici, organisaties, individuen.' Hij voorspelde dat Europa hier last van zou gaan krijgen.

Een Tsjechische onderzoeker die de invloed van China in het Westen bestudeerde, sprak met een parlementscommissie openhartig over China Today in Bulgarije, waar deze zender een pand deelde met Russia Today: 'China schetste tot 2019 in Europa een zo positief mogelijk beeld van het land, maar na de opstanden in Hongkong nam China de tactieken van Rusland over. Het land verspreidde valse informatie via denktanks of zogenaamd onafhankelijke media, waar ze maar al te vaak zelf eigenaar van bleken te zijn. Net als Rusland maakte de overheid gebruik van fake accounts op sociale media, die allerlei niet-bestaande waarheden tweeten en hertweeten.'[noten 2]

De Russische troepenopbouw in de Russisch-Oekraïense grensstreek op een kaart van de Amerikaanse inlichtingendiensten, begin december 2021. De VS schatten de Russische troepensterkte op dat moment op 70.000 militairen.
Poetin en zijn vertrouweling; de Russische minister van Defensie Sergej Sjojgoe[82]
Vladimir Poetin, Denis Poesjilin en Leonid Pasetsjnik signeren de verklaringen van onafhankelijkheid van de zelfverklaarde volksrepublieken Donetsk en Loegansk op 21 februari 2022.
De Russische president Vladimir Poetin tijdens zijn toespraak op 24 februari 2022 waarin hij de 'speciale militaire operatie' in Oekraïne aankondigde
2022 Russian Invasion of Ukraine animated.gif
Russische controle rond Kiev tot 2 april 2022
Een verwoeste Russische tank BMP-3 bij Marioepol, 7 maart 2022
Russisch bombardement in een buitenwijk van Charkov, 1 maart 2022
Militaire controle rond de Donbas, 18 april 2022
Postzegel: Russisch oorlogsschip, val dood, met daarop de Russische raketkruiser Moskva en een Oekraïense soldaat op Slangeneiland
Het Russische vlaggenschip van de Zwarte Zee, Moskva, zonk op 14 april 2022, naar verluidt nadat het was geraakt door twee Oekraïense Neptun-antischeepsraketten.
Burgers in Kiev bereiden molotovcocktails, 26 februari
Door Russische aanvallen aangerichte verwoesting in het dorpje Yakovlivka in de oblast Charkov
Wisselkoers van de roebel na de invasie (in euro)
Uitslag van de stemming over de VN-resolutie die de invasie veroordeelde.
 Voor
 Tegen
 Blanco
 Niet gestemd
 Geen lid
De premiers van Polen, Tsjechië en Slovenië met de president van Oekraïne in Kiev, 15 maart 2022. De eerste regeringsdelegatie in Oekraïne sinds het begin van de Russische invasie.[633]
De Brandenburger Tor lichtte op in de kleuren van de Oekraïense vlag tijdens een solidariteitsprotest in Berlijn, 24 februari 2022. Het monument is zichtbaar vanaf de nabijgelegen Russische ambassade.[644]
Pro-Oekraïense demonstratie op Trafalgar Square, Verenigd Koninkrijk, 27 februari 2022
Protest op de Dam in Amsterdam op 27 februari 2022. Volgens lokale media waren er ongeveer 15.000 mensen aanwezig.[645]
Poetin en Konstantin Ernst, ceo van Ruslands belangrijkste door de staat gecontroleerde tv-zender Channel One.[677]
Het symbool 'Z' met de hashtag: 'Wij laten onze mensen niet barsten'.